Direct naar content
3 min. leestijd

Tijdens Prinsjesdag 2018 heeft het kabinet aangegeven dat bepaalde aftrekposten niet meer tegen maximaal het hoogste tarief van de inkomstenbelasting aftrekbaar zijn. Twee bekende aftrekposten zijn de hypotheekrente en de aftrek van alimentatie. Maar ook lijfrente- en arbeidsongeschiktheidspremie kunnen onder voorwaarden worden afgetrokken van uw bruto inkomen. Tegen welk percentage zijn deze nog aftrekbaar? Is het nog verstandig te sparen voor uw pensioen?

Aftrekbaarheid

Het percentage waartegen bijvoorbeeld alimentatie, hypotheekrente en aftrekbare giften maximaal aftrekbaar zijn, wordt de komende jaren verlaagd. Is het percentage nu nog maximaal 51,95%, dit daalt tot 37,05% in 2023.

Lijfrente- en arbeidsongeschiktheidspremie

Spaart u voor uw pensioen met een lijfrente en/of dekt u het risico op arbeidsongeschiktheid af met een arbeidsongeschiktheidsverzekering? Dan blijft de betaalde premie (vooralsnog) tegen maximaal het hoogste percentage (dit jaar nog 51,95%) aftrekbaar, als het belastbaar inkomen in box 1 ten minste € 68.507 (2018) bedraagt.

De achterliggende gedachte hiervan is mogelijk dat het oneerlijk is dat de aftrek tegen een lager percentage aftrekbaar is dan het percentage waartegen de uitkeringen te zijner tijd belast zijn. Daarnaast wil de overheid de zelfredzaamheid van burgers stimuleren. Het verlagen van het percentage waartegen de premie aftrekbaar is, strookt niet met deze gedachtegang.

Lijfrente

Privé sparen voor uw oude dag met een lijfrente kan voor u voordelig zijn. Enkele voordelen:

  • Heeft u een (jaarlijks) pensioentekort? Dan is de premie tot een bepaald bedrag fiscaal aftrekbaar. Met de gespaarde premie moet u te zijner tijd uitkeringen aankopen. Deze uitkeringen zijn belast. Vaak is het zo dat de premie tegen een hoger tarief aftrekbaar is dan waartegen de uitkeringen belast zijn. Dat is voor u voordelig.
  • Het gespaarde bedrag valt buiten de box 3 heffing.
  • Komt u te overlijden? Dan hoeven uw erfgenamen geen erfbelasting te betalen over het door u gespaarde bedrag.

Een nadeel is er ook: u kunt niet vrij beschikken over het gespaarde bedrag.

Bij het besluit al dan niet te kiezen voor een lijfrente, dient u ook rekening te houden met niet fiscale aspecten. Zoals rendement en kosten.

Pensioentekort aanvullen

Bouwt u weinig pensioen op? Dan kunt u dit onder bepaalde voorwaarden aanvullen. In privé kunt u dit doen door geld in te leggen op een bankspaarrekening of door premie te storten in een lijfrenteverzekering.

Het is dan van belang uit te rekenen tot welk bedrag de inleg of premie aftrekbaar is in box 1. Dit noemen we de jaarruimte. Hoe hoog de jaarruimte is, is onder andere afhankelijk van uw salaris van vorig jaar en hoeveel pensioen u vorig jaar opbouwde.

Heeft u de afgelopen zeven jaren in een bepaald jaar geen gebruik gemaakt van de jaarruimte? Dan kunt u dit jaar daar alsnog tot een bepaald bedrag gebruik van maken (reserveringsruimte).

Maximale aftrek berekenen

Hier kunt u uitrekenen wat de hoogte van uw jaar- en reserveringsruimte is. U rekent dan uit u hoeveel u dit jaar maximaal fiscaal mag aftrekken in box 1.

Let wel. De jaar- en reserveringsruimte moeten in het jaar waarop ze betrekking hebben daadwerkelijk worden gestort op een lijfrentespaarrekening of lijfrentepolis. Houd hierbij rekening met de langere doorlooptijden bij banken en verzekeraars op het einde van het jaar.

Arbeidsongeschiktheidsverzekering

Ondanks het feit dat de premie van een arbeidsongeschiktheidsverzekering aftrekbaar is, blijft de netto premie hoog. Het afsluiten van zo’n verzekering is naar mijn mening alleen verstandig als u bij arbeidsongeschiktheid direct of na verloop van tijd in de financiële problemen komt. Kunt u nu al tot in lengte van jaren leven van uw vermogen? Dan is het afsluiten van een arbeidsongeschiktheidsverzekering niet zinvol.

Heeft u een vraag over dit artikel?

De specialisten van ABN AMRO MeesPierson komen graag met u in contact.