Direct naar content

Het kabinet wil het heffingssysteem in box 3 van de inkomstenbelasting opnieuw aanpassen. Om met name spaarders tegemoet te komen. Hier leest u welke gevolgen het voorgestelde systeem in algemene zin zal hebben. Maar wat zijn de gevolgen in specifieke situaties? In een serie artikelen gaan we op zoek naar de antwoorden. Wanneer u geen inwoner van Nederland bent, maar hier wel een pied-à-terre bezit, gaat u in Nederland meer box 3-belasting betalen. Hoe zit dat?

Beperkte belastingplicht als niet-inwoner

Wanneer u fiscaal niet als inwoner van Nederland wordt aangemerkt, hebt u in Nederland een beperkte belastingplicht. Als ‘buitenlandse belastingplichtige’ betaalt u in Nederland dan alleen belasting als u een of meer bronnen van inkomen in Nederland hebt. En voor zover een belastingverdrag dat Nederland met uw woonland heeft gesloten toestaat dat Nederland belasting heft.

Wat betreft box 3 blijft de belastingplicht in de praktijk normaliter beperkt tot (een forfaitair vastgesteld inkomen uit) in Nederland gelegen onroerende zaken en rechten daarop. Waarbij schulden in verband met die onroerende zaken in mindering komen op de waarde. Een pied-à-terre in Nederland wordt dus in beginsel in box 3 belast. Ander vermogen, zoals spaargeld en effectenbeleggingen in Nederland niet.

Soms zit woning in box 1

In bepaalde situaties kan een woning in Nederland in box 1 zitten, ondanks het feit dat u fiscaal geen inwoner van Nederland bent. Dat is bijvoorbeeld het geval als u bent geëmigreerd en de woning die in Nederland uw hoofdverblijf was leegstaat en u aannemelijk maakt dat deze bestemd is voor verkoop. Dan kan die woning (en de daarmee samenhangende eigenwoningschuld in box 1) nog maximaal 3 jaar na het jaar van uw emigratie in box 1 blijven.

Een ander voorbeeld is de situatie waarbij u, vooruitlopend op uw immigratie, een woning in Nederland hebt gekocht. U moet dan wel aannemelijk maken dat die woning leegstaat of in aanbouw is en uitsluitend bestemd is om uiterlijk binnen 3 jaar na het jaar van aankoop uw eigen woning (hoofdverblijf) te zijn. Dergelijke situaties laat ik in dit artikel verder buiten beschouwing.

Box 3-heffing huidige stelsel

In box 3 betaalt u belasting over een forfaitair vastgesteld inkomen en dus niet over het werkelijke inkomen. Voor woningen in Nederland is de WOZ-waarde het uitgangspunt. Een eventuele samenhangende financieringsschuld die u voor de aankoop bent aangegaan, mag u in mindering brengen. Van het netto vermogen dat overblijft, is ruim € 30.000 vrijgesteld, het zogenaamde heffingvrije vermogen. Over het meerdere wordt een forfaitair rendement berekend, dat toeneemt naarmate het vermogen in box 3 groter is.

De samenstelling van het vermogen is niet relevant. Over de eerste ruim € 72.000 is het forfaitaire rendement 1,79%. Over de volgende euro’s tot ruim € 1 miljoen is dat 4,19%. En over alles daarboven 5,28%. Over het op die manier berekende forfaitaire inkomen betaalt u 30% belasting. De effectieve belasting uitgedrukt als percentage van het vermogen in box 3 loopt zo op van 0,54% (30% x 1,79%) in de eerste vermogensschijf, via 1,26% (30% x 4,19%) in de tweede schijf, tot maximaal 1,58% (30% x 5,28%) in de hoogste vermogensschijf.

Voorgestelde nieuwe stelsel

In het voorgestelde nieuwe stelsel wordt op individueel niveau gekeken naar de werkelijke verdeling van het vermogen over de categorieën spaargeld, overige bezittingen en schulden. Aan spaargeld wordt een forfaitair rendement toegekend van 0,10%, voor overige bezittingen – waaronder ook een tweede woning in Nederland – is dat 5,28%. Voor schulden komt een forfaitaire leenrente van 3,03% in mindering op het positieve forfaitaire inkomen. Van het saldo aan forfaitair inkomen blijft vervolgens € 400 vrijgesteld, het zogenaamde heffingvrije inkomen. Over het restant betaalt u 33% belasting. De effectieve belastingdruk als percentage van de fiscale waarde komt dan op 1,74% (33% x 5,28%). Dat is meer dan nu het geval is.

Voor zover u een tweede woning in Nederland met een schuld hebt gefinancierd, betaalt u onder het huidige stelsel geen box 3-heffing. In het voorgestelde nieuwe box 3-stelsel levert een schuld een vaste besparing op van effectief ongeveer 1% (33% x 3,03%). Ook voor zover tegenover de waarde een schuld staat, betaalt u straks dus effectief 0,74% belasting.

Woonland voorkomt dubbele belasting

Het hangt af van de fiscale wetgeving in uw woonland in hoeverre (werkelijk of forfaitair) inkomen uit de Nederlandse woning ook in uw woonland belastbaar is. Als uw woonland een verdrag ter voorkoming van dubbele belasting met Nederland heeft gesloten, zal daarin normaliter geregeld zijn dat Nederland over in Nederland gelegen onroerend goed belasting mag heffen. En dat uw woonland dubbele heffing moet voorkomen. Dat geldt onder het huidige box 3-stelsel. En zal door aanpassingen in de Nederlandse box 3-heffing niet veranderen.

Niet altijd last van hogere Nederlandse belasting

In bepaalde situaties betekent een iets hogere belasting in Nederland niet per se dat u in totaal ook meer belasting gaat betalen. Dat hangt af van de hoogte van de belasting die uw woonland heft over inkomsten uit de Nederlandse woning. En van de manier waarop vermijding van dubbele heffing door uw woonland is geregeld.

Is de belasting in uw woonland hoger is dan die in Nederland én komt de werkelijk in Nederland betaalde belasting onverkort in mindering op de belasting die u in uw woonland moet betalen? Dan blijft u in totaal hetzelfde betalen. Alleen komt van het totaalbedrag iets meer in de Nederlandse schatkist terecht. En iets minder in die van uw woonland.

Heeft u een vraag over dit artikel?

De specialisten van ABN AMRO MeesPierson komen graag met u in contact.