Chat with us, powered by LiveChat

ABN AMRO MeesPierson | Financial Focus

Dossier duurzaam beleggen: Beleggen met een schoon geweten

Rekening houden met mens, milieu en maatschappij bij beleggingskeuzes. Daar staan in deze tijd maar weinig beleggers negatief tegenover. Niet eerder was duurzaam beleggen zo populair als nu. Beleggers die ‘duurzaam’ zagen als de zoveelste vluchtige beleggingstrend hebben ongelijk gekregen.

Misschien laat u al duurzame criteria meewegen bij uw beleggingskeuzes. Of heeft u juist vragen over duurzaam beleggen. Om meer inzicht te geven in de keuzes die bij duurzaam beleggen een rol spelen, delen Vincent Triesschijn, Director Sustainable Investment bij ABN AMRO en professor Amir Amel-Zadeh van Saïd Business School, Oxford University in dit dossier hun kennis. ‘Onder andere het duurzaam belegde vermogen van ABN AMRO steeg in de afgelopen jaren sterk’, weet Triesschijn. Van 5,4 miljard euro in 2014 naar 13,8 miljard euro in 2018. ‘Duurzaamheid houdt ons en onze klanten duidelijk bezig.’

Alle belangen meewegen

Ook wereldwijd stijgt het aantal beleggers dat vermogen wil beleggen op een manier die rekening houdt met de mens en maatschappij. Dat was lang niet altijd zo. In de jaren ’60 kreeg bijvoorbeeld de befaamde econoom en Nobelprijswinnaar Milton Friedman in 1962 nog veel bijval toen hij verhoging van de winst als het ‘belangrijkste maatschappelijke doel’ van het bedrijfsleven noemde. Friedman was van mening dat een onderneming alleen verantwoording hoefde af te leggen aan zijn aandeelhouders. De belangen van andere partijen zoals werknemers, klanten en de maatschappij waren ondergeschikt. Inmiddels houden beleggers wereldwijd bij hun beleggingskeuzes rekening met financiële en niet-financiële criteria, in die laatste worden ook de belangen van alle stakeholders meegewogen.

Duurzaam volgens de Quakers

Duurzaam beleggen is steeds meer vanzelfsprekend, maar roept ook vragen
op bij klanten, zo weet Triesschijn. ‘Het start met de vraag wat de belegger onder duurzaam verstaat.’ Dat verschilt per persoon. Duurzaamheid nu is bovendien anders dan tien, vijftig of vierhonderd jaar geleden. De basis van duurzaam beleggen ligt in de zeventiende eeuw toen de leden van de Amerikaanse religieuze Quaker-gemeenschap niet langer wilden investeren in bedrijven die gebruik maakten van slavenarbeid. Religie bleek ook in de jaren daarna een leidraad voor duurzame keuzes. Een voorbeeld hiervan is om niet te investeren in ondernemingen die geld verdienden met ‘zondige’ activiteiten, zoals bijvoorbeeld pornografie.

Risico van klimaatverandering

Niet-religieuze gemeenschappen lieten vooral sociale overwegingen bij hun beleggingskeuzes meewegen. Zo droeg de boycot van ZuidAfrikaanse staatsobligaties door veel institutionele beleggers in Europa in de jaren tachtig bij aan het einde aan de apartheid. Eind jaren zeventig krijgt ook het milieu een nadrukkelijker rol bij beleggingskeuzes, gestimuleerd door de publicatie van het rapport van de Club van Rome. Dit toekomstscenario over het effect van stijgende consumptie op onze planeet zette beleggers aan het denken. Meer recent trekt de klimaatverandering de aandacht van beleggers. De risico’s van de klimaatverandering spelen een rol bij de beleggingskeuzes, ziet professor Amir AmelZadeh van Saïd Business School, Oxford University. Hij deed uitgebreid onderzoek naar het effect van klimaatverandering op de waardering van beleggingen. Daaruit blijkt dat 75 procent van de ondervraagde beleggers klimaatverandering ziet als een risico voor het bedrijfsleven.

Brede duurzame meetlat

ABN AMRO maakt bij duurzaam beleggen gebruik van zogeheten ESG-criteria. Deze laten zien hoe een onderneming scoort op de duurzaamheidsfactoren: Environmental (milieu), Social (sociaal beleid) en Governance (goed bestuur). Welke bedrijven binnen elke sector de beste duurzame prestaties laten zien, is daarmee goed inzichtelijk. Deze methode wordt ook wel de “best in class” genoemd. Bedrijven die zich bezighouden met wapenproductie, gokken, pornografie, tabaksproductie, bont en milieubelastende oliewinning zoals fracking of winning in het Arctisch gebied zijn dan al afgevallen. Ook bedrijven die de principes van de UN Global Compact schenden door grove overtredingen op het gebied van bijvoorbeeld mensenrechten of het milieu, komen niet in aanmerking om in een duurzame beleggingsportefeuille terecht te komen.

We nemen niet alleen de bedrijfsvoering zelf onder de loep. De bijdrage aan het verduurzamen van de samenleving door middel van de producten en diensten van het bedrijf, is minstens zo belangrijk. Triesschijn: ‘Mooie leidraad hierbij zijn de duurzame ontwikkelingsdoelen van de Verenigde Naties (VN).’ Deze duurzame ontwikkelingsdoelen ofwel Sustainable Development Goals (SDG’s) zijn zeventien concrete doelen, opgesteld door de VN, die duidelijk maken wat er de komende vijftien jaar moet veranderen op gebied van armoede, ongelijkheid en klimaatverandering in 2030. Denk aan klimaatactie, schoon water, kwaliteitsonderwijs en duurzame energie. De doelen worden in toenemende mate gebruikt door bedrijven om hun duurzame impact te meten en verbeteren. Een goede ontwikkeling voor de maatschappij én voor beleggers, zegt Triesschijn. ‘De doelen stimuleren innovatie en helpen bedrijven op een kritische manier naar hun activiteiten te kijken.’ De doelen vergemakkelijken bovendien de gesprekken met klanten over duurzaamheid, merkt hij. ‘Het kan lastig zijn om over ethische onderwerpen te spreken met klanten. Dat is persoonlijk en wie zijn wij als bank om klanten daarop aan te spreken. Door de zeventien concrete doelen is nu voor iedereen duidelijk waar de duurzame verandering moet plaatsvinden.’ En omdat de VN betrokken is, worden ze wereldwijd overal erkend.

Kritische vragen, graag!

De duurzame ambities van ABN AMRO zijn groot. De bank wil haar maatschappelijke verantwoordelijkheid nemen. We zien duurzaam beleggen niet langer als een optie, maar als de standaard voor alle diensten en producten. Waar mogelijk kiezen we voor een duurzame variant. Om onze klanten daarin goed te adviseren is fors geïnvesteerd in aanvullende opleidingen voor onze beleggingsspecialisten en private bankers. Zodat zij over voldoende bagage beschikken om vragen over duurzaam beleggen te beantwoorden. Meer dan 900 ABN AMRO medewerkers volgen het Oxford Fundamentals of Sustainable Investing Programme met trainingen op ABN AMRO kantoren in Nederland, België, Duitsland en Frankrijk. Hierdoor kunnen we uw vragen over duurzaam beleggen goed beantwoorden.

Positieve impact

Veel vragen van klanten over duurzaam beleggen gaan over het rendement. Een portefeuille die rekening houdt met mens, milieu en maatschappij bevat immers andere beleggingen dan een reguliere portefeuille. Op korte termijn kunnen de rendementen van een duurzame beleggingsportefeuille daarom afwijken van die van de financiële markten als geheel. Uit diverse wetenschappelijke onderzoeken van onder andere de Oxford University blijkt dat het resultaat van duurzaam beleggen op de lange termijn echter niet afwijkt van traditioneel beleggen. ‘Positieve prestaties op de ESG-criteria hebben meestal zelfs een positief effect op de financiële prestaties van bedrijven,’ ziet professor Amir Amel-Zadeh. Hij dook in de verzamelde data over de prestaties van duurzame beleggingen van de afgelopen veertig jaar en vond dat bedrijven die positief scoren op ESG-criteria betere financiële prestaties laten zien.

75%

van de beleggers ziet klimaatverandering als een risico voor het bedrijfsleven

Triesschijn merkt in de praktijk dat misverstanden ontstaan door de diverse manieren van duurzaam beleggen. Hij wijst op het verschil tussen duurzaam beleggen en bijvoorbeeld impact beleggen. ‘Bij duurzaam beleggen staat het financieel rendement voorop. Daarbij beleggen we – zonder financieel rendement in te leveren – zo duurzaam mogelijk. Dat is anders bij bijvoorbeeld impact beleggen. Daarbij staat de duurzaamheid en positieve impact op de maatschappij voorop en komt financieel rendement soms op de tweede plaats. Dat kan afwijkende rendementen opleveren, meer of minder dan traditionele aandelenmarkten.’ (zie kader over impact beleggen) Historisch gezien presteert een duurzame beleggingsportefeuille op de lange termijn vergelijkbaar en soms beter dan een traditionele beleggingsportefeuille. Ondanks het feit dat het toepassen van nietfinanciële criteria het aantal beleggingen in het beleggingsuniversum beperkt en daarmee de diversificatie. In de praktijk wordt dit verschil onder andere opgevangen door kwaliteit van beleggingen. Simpel gesteld: de bedrijven die rekening houden met hun omgeving zijn vaak innovatief en goed voorbereid op de toekomst. De ideale combinatie volgens het internationale consultancybedrijf McKinsey, dat beleggers vorig jaar in een veelgelezen rapport adviseerde om niet-financiële factoren mee te laten wegen in alle beleggingsbeslissingen. ‘Bedrijven die verduurzaming hebben verankerd in hun strategie presteren op termijn beter’, zo benadrukt McKinsey in het rapport. ‘Vraag niet “waarom”, maar “waarom niet”, want waarom zou je geen extra informatie (de ESG-informatie, red) meenemen in beleggingsbeslissingen?’ aldus de consultants.

Minder risicovol

Bijkomend voordeel van duurzaam beleggen: bedrijven die hoog scoren op duurzame criteria zijn minder gevoelig voor toekomstige regelgeving op gebied van duurzaamheid. Niet vreemd, zegt Triesschijn: ‘Ondernemingen die zorgvuldig omgaan met mens en maatschappij zijn immers vaak beter voorbereid op de toekomst.’ En dat spreekt steeds meer beleggers aan, zelfs beleggers die ogenschijnlijk weinig met duurzaamheid hebben. De in 2013 overleden Amerikaanse grondstoffenhandelaar Marc ‘King of Oil’ Rich zei in een interview dat hij graag investeerde in niet-fossiele grondstoffen. Hij zag klimaatverandering en CO2-emissies als belangrijke aandachtspunten voor de toekomst. De man die zijn fortuin in onder andere de oliehandel verdiende, gaf de voorkeur aan investeringen in wind- en kernenergie.

En de King of Oil is niet de enige, blijkt uit onderzoek van Amel-Zadeh naar de effecten van klimaatverandering op beleggingen.
Hij vond dat beleggers verwachten dat de bedrijven waar ze in beleggen worden getroffen door strengere regelgeving, die samenhangt met de maatregelen rond de klimaatverandering. Bijvoorbeeld door de afspraken van het klimaatakkoord in Parijs. Volgens de professor zijn beleggers zich bijvoorbeeld steeds meer bewust van de risico’s van stranded assets. Jargon voor bezittingen van niet-duurzame bedrijven die snel in waarde dalen door duurzame ontwikkelingen. Denk aan de waardedalingen van onontgonnen oliereserves door bijvoorbeeld opgelegde beperkingen voor fossiele brandstoffen.

Bedrijven die goed scoren op duurzame criteria hebben ook bewezen minder kans op reputatieschade en boetes van de overheid. De olieramp in de Golf van Mexico en dieselgate, waarbij autofabrikanten sjoemelden met het meten van de schadelijke uitstoot van automodellen, leidden niet alleen tot het uitkeren van grote schadevergoedingen door de betrokken bedrijven. Ook de aandelenkoersen van de betrokken bedrijven in de olie- en autosector daalden fors. Duurzaamheid speelt ook een steeds grotere rol in het overheidsbeleid. Zo leggen overheden steeds strengere regels op aan producenten van producten met grote gezondheidsrisico’s. Denk aan tabak en – meer recent – producten met veel suiker. In het Verenigd Koninkrijk wordt op frisdranken die veel suiker bevatten al suger tax – extra omzetbelasting – geheven. Dat maakt ze minder aantrekkelijk voor de consument. Producten die bijzonder slecht scoren op het gebied van duurzaamheid zijn door de strenger wordende overheidsregels vaak geen lang leven beschoren. Komende generaties kennen de benzine slurpende Hummer en de inefficiënte ouderwetse gloeilamp straks alleen uit de verhalen.

Impact van geïnvesteerde euro’s

Een specifieke vorm van duurzaam beleggen is impact beleggen. Bij duurzaam beleggen ligt de nadruk op het proces van de onderneming. Impact beleggers gaan een stapje verder, zij kijken naar de maatschappelijke impact van het product of de dienst van die onderneming. Belegd wordt in bedrijven die zijn opgericht om in positieve zin bij te dragen aan een betere wereld. Omdat het hier gaat om vaak kleine en innovatieve bedrijven kan dit meer risico voor de belegger betekenen. De resultaten kunnen positief en negatief afwijken van traditionele aandelenrendementen. Triesschijn: ‘Dat is minder belangrijk voor impact beleggers, zij richten zich eerst op het behalen van impact, en pas daarna op het behalen van een positief rendement.’ Het niet-financiële rendement krijgt dan ook veel aandacht. Uitgedrukt in bijvoorbeeld een vermindering in tonnen van de uitgestootte CO2, of het aantal gecreëerde banen. Cijfers die tot de verbeelding spreken. ABN AMRO MeesPierson is bij diverse initiatieven rond impact investing betrokken. Een daarvan investeerde samen met de Nederlandse ontwikkelingsbank FMO in onder andere windmolenparken in landen in Latijns-Amerika. De impact daarvan is groot: de regio kampte met veel stroomstoringen, waardoor vaak vervuilende dieselaggregaten werden ingezet. Een windmolenpark geeft duizenden huishoudens de beschikking over stabiele elektriciteit. Samen met klanten werd meer dan 16.000 ton CO2 vermeden door middel van investeringen in impactfondsen.

Belang van goede research

Een goed duurzaam beleggingsbeleid begint met kwalitatieve research. Voor het duurzame beleggingsuniversum brengt ABN AMRO per kwartaal in kaart hoe ondernemingen scoren op gebied van milieu, maatschappij en goed bestuur. Hiervoor maakt de bank gebruik van de research van het onafhankelijke duurzame onderzoeksbureau Sustainalytics. Zo ontstaat een goed beeld van de ESG-prestaties van een onderneming, zoals bijvoorbeeld het gebruik van grondstoffen en arbeidsomstandigheden voor werknemers. Kennis van zaken is echter cruciaal om de data te duiden, benadrukt Triesschijn. Hij neemt de tabaksindustrie als
voorbeeld. ‘Kijk je uitsluitend naar de ESGcriteria, dan scoren sommige bedrijven in de tabakssector goed. Tabaksproducenten voldoen aan alle (milieu)wetgeving. Op het hoofdkantoor worden koffiebekers gerecycled en er staan vast een paar elektrische auto’s op de parkeerplaats.’ Vanuit ethische criteria staan alle seinen echter op rood, weet hij. De maatschappelijke kosten van roken zijn hoog. Ieder jaar sterven er in Nederland zo’n 20.000 mensen aan de gevolgen van roken en nog enkele duizenden aan de gevolgen van meeroken. ‘Recent onderzoek aan de Universiteit Maastricht laat zien dat het ook vanuit risicoperspectief niet logisch is om in tabaksondernemingen te beleggen. Beleggen in de tabaksector brengt grote financiële risico’s met zich mee. In bijna alle landen in de wereld wordt nagedacht over regelgeving om roken minder aantrekkelijk te maken, niet alleen vanwege de gezondheid van burgers maar ook vanwege de hoge kosten voor de maatschappij.’

Kees van Dijkhuizen

‘In onze nieuwe purpose, Banking for better, for generations to come, is duurzaamheid de belangrijkste pijler. Deze is gebaseerd op gesprekken met alle stakeholders, niet in de laatste plaats onze klanten. We zien dat ze in hoog tempo het thema duurzaamheid omarmen. Nieuwe private bankingklanten bieden we altijd een duurzame beleggingsportefeuille aan. Willen ze toch iets anders, dan kan dat. Het merendeel van de nieuwe klanten kiest enthousiast voor de duurzame beleggingen. Onze duurzame portefeuille heeft het de afgelopen jaren ook nog eens goed gedaan. Dus het is niet alleen maar goed doen, je behaalt er ook nog rendement mee.’

Triesschijn: ‘Om de duurzaamheid van een onderneming te bepalen, kijken we niet alleen naar het beleid op het gebied van milieu, de maatschappij en het bestuur. Ook monitoren we eventuele incidenten.’ Hij wijst op de spagaat waarin de duurzame belegger zich daarbij soms bevindt. ‘Neem de farmasector die medicijnen ontwikkelt die mensen genezen. De sector scoort daardoor hoog op duurzame criteria. Het feit dat zieke mensen het verdienmodel vormen, kan sommige farmaceuten verleiden tot het ontwikkelen en promoten van medicijnen en behandelingen die feitelijk niet of niet lang nodig zijn. Pillen voor aandoeningen die door een verandering in levensstijl of door het zelfherstellend vermogen van het lichaam ook zouden genezen.’ Voor ABN AMRO kunnen deze controverses aanleiding zijn om met een bedrijf in gesprek te gaan. Vaak samen met andere financiële instellingen. In 2015 constateerde de bank bijvoorbeeld mensenrechtenschendingen bij een internationaal farmaconcern. Reden voor een gesprek met de onderneming, samen met branchegenoot Robeco. Voor het omkopen van artsen om medicijnverkoop te stimuleren, kreeg het bedrijf onder andere een hoge boete van de Amerikaanse overheid. Maar Triesschijn en zijn collega’s wilden meer duidelijkheid. ‘De veroordelingen hadden voornamelijk betrekking op de activiteiten in China, maar het leek ook te wijzen op een cultuurprobleem in de organisatie. Van het management wilden we horen hoe het concern schendingen van de mensenrechten in de toekomst gaat voorkomen.’ Uit de gesprekken bleek dat de organisatie ingrijpende maatregelen heeft genomen. De managementstructuur is veranderd en werknemers worden nu beloond op basis van productkennis en communicatievaardigheden. Voor Triesschijn is deze dialoog of engagement met bedrijven een belangrijk instrument om bij te dragen aan verandering.

Voor volgende generaties

Microsoft-oprichters Bill en Melinda Gates doen het. Evenals de familie van baggeronderneming Van Oord, kledingbedrijf C&A en de oprichters van navigatiebedrijf TomTom: duurzaam en impact investeren in familieverband. Steeds meer families kiezen ervoor om duurzaam te beleggen. ABN AMRO ziet de belangstelling voor duurzaam beleggen bij vermogende klanten toenemen. Belangrijkste wens: de wereld goed achterlaten voor komende generaties. Vermogende families inspireren daarbij ook elkaar. Zo vertelde Frank van Beuningen – telg uit de ondernemersfamilie van handelsonderneming SHV – onlangs in het FD over de Nederlandse DivestInvest Pledge. Die startte hij op in navolging van de wereldwijde DivestInvest-beweging die al ruim 8 biljoen dollar aan vermogen aan beleggingen in fossiele brandstoffen wist om te zetten in meer duurzame investeringen. De ondertekenaars van de pledge, de belofte, beloven binnen drie tot vijf jaar al hun privébeleggingen in olie-, gas- en steenkoolbedrijven te verkopen. In plaats daarvan wordt het geld in bedrijven en initiatieven gestoken die de opwarming van de aarde tegengaan. Zoals hernieuwbare energie en duurzame landbouw. Van Beuningen hoopt nu ook Nederlandse families te inspireren om hun vermogen en hun invloed aan te wenden voor een betere wereld. Met succes: in maart van dit jaar stond de stand al op 22 ondertekenaars.

Benieuwd hoe ABN AMRO MeesPierson de transitie naar duurzame energie in beleggingsportefeuilles versnelt? Ga naar financialfocus.abnamro.nl/vermogen/de-transitie-naar-duurzame-energie-inbeleggingsportefeuilles/

Voorzichtig met uitsluiten

De bank is anders dan sommige andere vermogensbeheerders die niet in vervuilende sectoren willen beleggen, voorzichtig met het uitsluiten van volledige sectoren. De bank geeft bij duurzaam beleggen de voorkeur aan de best-in-class methode boven uitsluitingen. Triesschijn: ‘We kiezen er bewust voor om bijvoorbeeld de energie- of autosector niet uit te sluiten. Daardoor ontneem je je als belegger namelijk ook direct de mogelijkheid om invloed uit te oefenen. Als aandeelhouder kan de belegger de onderneming immers aanspreken over de niet-duurzame bedrijfsvoering.’ Ook de continue voortschrijdende inzichten en innovatie zijn reden om meer traditionele bedrijven niet per definitie uit te sluiten. Juist deze bedrijven zien soms de noodzaak om te investeren in verduurzaming, weet Triesschijn. Neem een Deens energiebedrijf dat in 2016 vrijwel alle fossiele belangen verkocht om zich volledig te richten op hernieuwbare energie.

‘Een bedrijf dat binnen een sector een duurzame verandering weten te bewerkstelligen, is een voorbeeld voor anderen en kan zo een positieve maatschappelijke impact hebben.’ Een ander voorbeeld is een grote autofabrikant die dankzij een bestaand productie- en distributienetwerk in staat bleek om diverse elektrische modellen naar de markt te brengen. Door de omvang van de productie kan de autobouwer een groter effect op vermindering van de CO2-uitstoot hebben dan de autofabrikant die uitsluitend op de productie van elektrische auto’s focust. De bank ziet engagement ook als instrument voor duurzame verandering op lange termijn. Zo blijkt het in praktijk onmogelijk om kinderarbeid uit te sluiten, het is voor beleggers namelijk moeilijk inzichtelijk waar dit binnen de keten plaatsvindt. Een voorbeeld is de cacaoketen. Triesschijn: ‘Bedrijven zijn bijna nooit direct betrokken bij kinderarbeid terwijl zij wel indirect betrokken zijn. In plaats van kinderarbeid uit te sluiten kijken we hoe bedrijven omgaan met de constatering van kinderarbeid in de keten.

Gaan zij bijvoorbeeld in gesprek met de leverancier om de arbeidsomstandigheden te verbeteren en kinderarbeid uit te bannen bij de toeleverancier? Dat wordt meegenomen bij de beoordeling van de duurzaamheid van een bedrijf.’ Dat vraagt soms wel om uitleg aan klanten, weet Triesschijn. ‘Juist die uitleg helpt klanten om de keuzes bij duurzaam beleggen beter te begrijpen. En te laten zien hoe we als bank met het beleggingsbeleid recht doen aan de voortschrijdende inzichten op het gebied van duurzaamheid. De inzichten in duurzaamheid zijn altijd in beweging door maatschappelijke ontwikkelingen, regelgeving, wetenschap en innovatie. ‘Door meer aspecten mee te laten wegen in ons beleggingsbeleid, kunnen we de duurzaamheid van de beleggingsportefeuilles verbeteren. En daarmee de positieve maatschappelijke impact vergroten.’

Persoonlijk

Vincent Triesschijn: Director Sustainable Investment ABN AMRO
vincent.triesschijn@nl.abnamro.com
Amir Amel-Zadeh: Professor van de Saïd Business School aan Oxford University

Deel deze pagina

ABN AMRO MeesPierson | Financial Focus
Logo of ABN AMRO MeesPierson | Financial Focus

Wellicht is dit ook interessant...