ABN AMRO MeesPierson | Financial Focus

Belastingplan 2019: is de werknemer of de ondernemer beter af?

In verschillende blogs hebben wij al aandacht besteed aan Prinsjesdag 2018 en het Belastingplan 2019. Bij het opstellen van het Belastingplan 2019 heeft het kabinet goed gekeken hoe de fiscale regels bij de werknemer, de zelfstandig ondernemer (IB-ondernemer) en directeur-grootaandeelhouder (DGA) uitpakken. Welke doelstellingen golden daarbij en hoe is daar invulling aan gegeven?

Doelstellingen van het Kabinet

Uit de Memorie van Toelichting op het Belastingplan 2019 blijkt dat het kabinet bij het opstellen van het Belastingplan 2019 onder andere de volgende doelstellingen had:

  1. De keuze voor een ondernemingsvorm moet zo min mogelijk worden bepaald vanuit fiscale motieven.
  2. Het verschil in gemiddelde belasting- en premiedruk tussen de werknemer, de IB-ondernemer en de DGA moet worden verkleind.

Om te zien of het hierin geslaagd is, heeft het kabinet berekeningen gemaakt van het marginale toptarief en van de gemiddelde belasting- en premiedruk.

Het marginale toptarief

Om het marginale toptarief vast te stellen moet je jezelf de volgende vraag te stellen: als ik € 1,- meer ga verdienen, hoeveel procent belasting moet ik dan over die ene euro betalen? Nu is het nog zo dat het marginale toptarief van de IB-ondernemer (44,68%) en de DGA (40% of 43,75%; afhankelijk van de BV-winst) aanmerkelijk lager ligt dan dat van een werknemer (51,95%). Als de kabinetsplannen ongewijzigd doorgevoerd worden, zullen al deze marginale tarieven structureel dalen. Vanaf 2021 zijn die dan 49,5% (werknemers), 44,33% (IB-ondernemers) en 38,6% of 43,16% (DGA’s).

De onderlinge verschillen in het marginale toptarief worden daarmee kleiner, maar ze blijven wel aanzienlijk.

De gemiddelde belasting- en premiedruk

Deze berekeningen zijn aanmerkelijk complexer. Om deze vergelijking te kunnen maken, heeft het kabinet alle belastingen en premies in de berekeningen betrokken.  Zoals de zorgtoeslag, de werkgeverslasten, de arbeidsongeschiktheidspremie en premies ten behoeve van pensioenopbouw.  Zo ontstond er een vergelijkbaar beeld tussen de belasting- en premiedruk van werknemers bij een bepaald brutoloon en IB-ondernemers en DGA’s bij een bepaalde winst/inkomen.

Wat zijn de gevolgen voor de gemiddelde belasting- en premiedruk van de werknemer, de IB-ondernemer en de DGA als het Belastingplan 2019 ongeschonden door de beide Kamers komt?

  1. De gemiddelde belasting- en premiedruk voor DGA’s daalt.
  2. De lastendruk voor de IB-ondernemer met een brutowinst tot ongeveer € 75.000 (zo’n 90% van alle IB-ondernemers) daalt ook.
  3. De lastendruk voor IB-ondernemers met een hogere brutowinst neemt toe.

En hoe verhouden de werknemer, de IB-ondernemer en de DGA zich dan tot elkaar?

  1. De gemiddelde druk voor IB-ondernemers ligt lager dan die voor werknemers.
  2. Als DGA’s hun winsten direct zouden uitkeren, dan ligt – bij lagere brutowinsten – de gemiddelde druk voor IB-ondernemers lager dan die voor DGA’s. Naarmate de winst toeneemt neemt dit verschil wel af.
  3. Als DGA’s de winstuitkeringen langdurig uitstellen, dan is de gemiddelde druk van de DGA lager dan die van de IB-ondernemer.
  4. De gemiddelde druk voor werknemers met een hoog inkomen, ligt boven die van de IB-ondernemer en de DGA.

Zijn de doelstellingen van het kabinet dus bereikt?

In zijn doelstelling spreekt het kabinet over ‘zo min mogelijk’ en ‘worden verkleind’. Hiermee houdt het kabinet de nodige speelruimte. En die hebben ze ook nodig, want geconcludeerd kan worden:

  • dat zowel de marginale als de gemiddelde belasting- en premiedruk bij ondernemers met een brutowinst tot ongeveer € 200.000, wel degelijk nog van invloed zal zijn op de rechtsvorm waarin de onderneming gedreven wordt. Een ondernemer zal dit fiscale voordeeltje niet zomaar laten lopen;
  • dat de gemiddelde belasting- en premiedruk voor een werknemer structureel hoger is dan die voor de DGA en de IB-ondernemer. Maar inderdaad het verschil wordt wel iets kleiner.

 

 

 

Deel deze pagina

Artikel geschreven door:

Profiel foto van Gordon Doull
Gordon Doull Bedrijfsopvolging, familierecht, internationaal erfrecht

Gordon Doull is na zijn studie Notarieel recht een aantal jaren werkzaam geweest als kandidaat-notaris. Daarna maakte hij de overstap naar private banking. Na enkele jaren als vermogensstructureerder gewerkt te hebben, is hij 6 jaar geleden begonnen als specialist estate planning bij ABN AMRO MeesPierson. Als specialist op het gebied van schenken staat hij voor u klaar om te adviseren bij complexere vraagstukken.

Van gedachten wisselen met een specialist?

  • Wanneer het u uitkomt
  • Vrijblijvend
  • Persoonlijk
ABN AMRO MeesPierson | Financial Focus
Logo of ABN AMRO MeesPierson | Financial Focus