Direct naar content

De hypotheekrente is in de afgelopen tijd sterk gedaald. Veel huizenbezitters vragen zich af of zij hiervan kunnen profiteren door hun lening over te sluiten.

Te betalen vergoeding aftrekbaar

Is het voor u financieel aantrekkelijk om de lopende rentevastperiode van uw hypotheek open te breken en een nieuwe rentevastperiode af te sluiten met een lagere rente? Bent u dan een vergoeding verschuldigd?  Het te betalen bedrag is een vergoeding die u betaalt aan uw bank of verzekeraar, omdat uw bank of verzekeraar renteverlies lijdt, doordat u de rentevastperiode eerder beëindigt. U mag de te betalen vergoeding als aftrekpost in uw aangifte inkomstenbelasting opnemen. Maar niet iedereen kan of wil deze vergoeding direct betalen. Rentemiddeling kan dan een alternatief zijn.

Fiscale regels onduidelijk?

Bij rentemiddeling wordt de verschuldigde vergoeding voor het oversluiten van de hypotheek niet in één keer in rekening gebracht. In plaats daarvan kunt u bij rentemiddeling de betaling van  het renteverlies verdelen over een nieuwe rentevastperiode. Het renteverlies wordt verrekend door middel van een opslag op de nieuwe lagere rente. Maar om dit mogelijk te maken, moesten eerst nog enkele belastingregels worden aangepast.

Als u op basis van de nieuwe middelingsrente de rente en aflossing van een annuïteitenhypotheek betaalt, is in deze rente dus een opslag voor het renteverlies verwerkt. Maar vanuit fiscaal oogpunt kon de opslag voor het renteverlies niet worden beschouwd als betaalde rente. Met als gevolg dat er volgens de Belastingdienst te weinig zou worden afgelost. En als er te weinig wordt afgelost, kan de aftrek van hypotheekrente in gevaar komen. Dit was voor financiële instellingen een reden om terughoudend te zijn met het aanbieden van rentemiddeling.

Besluit staatssecretaris van Financiën

Staatssecretaris Wiebes van Financiën heeft dit probleem opgelost door goed te keuren dat  de te betalen vergoeding bij de vaststelling van het aflosschema van een annuïteitenhypotheek wel mag worden meegeteld als betaalde rente. Hierdoor zijn er geen fiscale bezwaren meer om de te betalen vergoedingover een nieuwe rentevastperiode uit te smeren. Zo komt voor de financiële instellingen de weg vrij om rentemiddeling aan te bieden.

Rentemiddeling niet altijd voordelig

In het algemeen is het niet gunstig om uw lening over te sluiten als de nieuwe rentevastperiode korter is dan de bestaande resterende rentelooptijd. Maar ook als u bijvoorbeeld een spaarhypotheek heeft, is rentemiddeling niet aantrekkelijk. Bij een spaarhypotheek is de rentevergoeding gekoppeld aan de hypotheekrente. Als de hypotheekrente daalt, dan daalt de rentevergoeding mee. En dan moet u meer spaarpremie betalen om het eindkapitaal op te bouwen, waarmee u uw hypotheek op de einddatum gaat aflossen.

Beschikt u over een hoog belastbaar inkomen in box 1? En heeft u voldoende liquide middelen om de vergoeding in één keer te betalen? Dan kan het financieel aantrekkelijker zijn om in één keer de vergoeding te betalen in plaats van het renteverlies uit te smeren over een nieuwe rentevastperiode. Meestal kunt u een deel van uw lening vergoedingsvrij aflossen. En misschien kunt u de  de te betalen vergoeding geheel in aftrek brengen op uw belastbaar inkomen in box 1 tegen een belastingtarief van maximaal 50,5% (2016). Als u het renteverlies uitsmeert over meerdere jaren, is het maximale belastingvoordeel elk jaar 0,5% lager.

Heeft u een vraag over dit artikel?

De specialisten van ABN AMRO MeesPierson komen graag met u in contact.

Gerelateerde artikelen