ABN AMRO MeesPierson | Financial Focus

Regeerakkoord kabinet Rutte III: wat verandert er in de zorg?

In het regeerakkoord van het nieuwe kabinet staat onder andere dat de aftrekpost voor specifieke zorgkosten versneld wordt afgebouwd in de periode 2020-2023. Wat verandert er straks nog meer voor u als het gaat om de zorgsector? Hieronder zet ik een aantal voorgenomen maatregelen voor u op een rij.

Aftrek specifieke zorgkosten gefaseerd verrekend tegen basistarief

Veel zorg- en verpleegkosten zijn aftrekbaar in uw aangifte inkomstenbelasting. U moet dan wel een medische indicatie hebben. De kosten moeten uitgaan boven een drempel. En u moet deze kosten wel zelf betalen zonder dat u daarvoor een vergoeding krijgt. Met name bij langdurige intensieve zorg thuis kunnen zorg- en verpleegkosten erg hoog oplopen. Zeker als u zelf extra zorg gaat inkopen. Deze zorg- en verpleegkosten kunt u vaak voor een groot deel als aftrekpost in uw belastingaangifte meenemen.

U kunt deze specifieke zorgkosten in eerste instantie als aftrekpost in mindering brengen op uw (arbeids)inkomen in box 1. In 2017 kan het belastingvoordeel dan oplopen tot 52%. Maar het kabinet Rutte III wil dit belastingvoordeel beperken. Vanaf 2020 zullen specifieke zorgkosten in box 1 nog slechts aftrekbaar zijn tegen het dan geldende (maximum) aftrektarief van de hypotheekrente. In 2020 is dit 46%. Dit tarief wordt in vier jaar met 3%-punt per jaar afgebouwd naar het basistarief van uiteindelijk 36,93% in 2023.

Eigen risico zorgverzekering blijft gelijk

Het verplicht eigen risico voor uw zorgverzekering blijft tot en met 2021 gelijk op 385 euro per jaar. Oorspronkelijk was er een voorstel om het eigen risico in 2018 te laten stijgen van 385 euro naar 400 euro. En er was zelfs al een verdere stijging tot 480 euro in 2021 gepland. Na een storm van kritiek  hebben de nieuwe regeringspartijen deze verhoging teruggedraaid.
Maar het bevriezen van het eigen risico op 385 euro per jaar tot en met 2021 leidt wel tot een verhoging van de ziektekostenpremie.

Heeft u ondersteunende zorg nodig?

Zolang u niet in een zorginstelling woont, kunt u op basis van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) uw gemeente om ondersteunende zorg vragen zoals bijvoorbeeld huishoudelijke hulp, vervoer of hulpmiddelen. Gemeenten vragen voor deze Wmo-zorg wel een eigen bijdrage die afhankelijk is van uw leeftijd, inkomen en vermogen. Door deze eigen bijdrage betalen mensen met een hoger inkomen en vermogen de hulp per saldo vaak zelf.

Een groot deel van de mensen die een eigen bijdrage voor hun Wmo-zorg moeten betalen, hebben ook veel ziektekosten. Hierdoor moeten zij het verplicht eigen risico voor hun zorgverzekering van 385 euro per jaar meestal volledig betalen. Om stapeling van eigen bijdragen tegen te gaan, introduceert het kabinet Rutte III een abonnementstarief voor Wmo-zorg.

Het nieuwe kabinet stelt voor dat iedereen hetzelfde abonnementstarief gaat betalen, als gebruik wordt gemaakt van de Wmo-zorg van de gemeente. Dit nieuwe tarief bedraagt dan 17,50 euro per vier weken. De betaling van dit tarief is niet meer afhankelijk van de hoogte van uw inkomen, uw vermogen en de mate waarin u van Wmo-zorg gebruik maakt.

Heeft u langdurige zorg nodig?

De Wet langdurige zorg (Wlz) regelt de zorg voor mensen die blijvend 24 uur per dag zorg en toezicht nodig hebben. Woont u in een zorginstelling of ontvangt u intensieve zorg thuis? Dan moet u een eigen bijdrage betalen voor Wlz-zorg.

De hoogte van deze eigen bijdrage hangt af van uw inkomen en uw vermogen. Heeft u bijvoorbeeld een hoger belastbaar vermogen dan 75.000 euro? Dan gaat de Belastingdienst ervan uit dat u over het meerdere vermogen een (fictief) rendement van 4,6% of 5,39% per jaar realiseert, ongeacht of dat werkelijk bij u het geval is. Voor de berekening van de eigen bijdrage Wlz wordt daar nog eens extra 8% bij opgeteld. Als u een hoger belastbaar vermogen dan 75.000 euro heeft, wordt voor het meerdere vermogen de berekening van de eigen bijdrage gebaseerd op een rendement van 12,6% of 13,39%!

Veel mensen vinden dat onrechtvaardig. Het nieuwe kabinet komt nu gedeeltelijk aan deze bezwaren tegemoet en stelt voor om de extra bijtelling te verlagen van 8% naar 4%. Hierdoor betaalt u dus mogelijk minder eigen bijdrage voor Wlz-zorg. Het voornemen is om dit per 1 januari 2019 te veranderen.

Verhuist u naar een zorginstelling?

Als u naar een zorginstelling verhuist, betaalt u de eerste 6 maanden de lage eigen bijdrage van maximaal 843 euro per maand. Daarna moet u de hoge eigen bijdrage van maximaal 2.313 euro per maand betalen. Dat is anders als uw partner nog thuis woont. Dan betaalt u ook na 6 maanden nog steeds de lage eigen bijdrage.

Deze termijn van 6 maanden wordt korter. Het nieuwe kabinet stelt voor om de hoge eigen bijdrage al
4 maanden na de verhuizing naar een zorginstelling te laten betalen. Het voornemen is om dit per 1 januari 2019 te veranderen.

Meer geld voor zorginstellingen

De Consumentenbond heeft in september jl. een onderzoek laten uitvoeren naar wachtlijsten bij verpleeghuizen. Uit dit onderzoek blijkt dat slechts 19% van de verpleeghuizen een plaats kan aanbieden  binnen de landelijke norm van 6 weken. En bij 47% van de verpleeghuizen duurt het langer, waarbij een half jaar geen uitzondering is. De rest van de verpleeghuizen kan geen goede inschatting maken van de wachttijd.

Het kabinet Rutte III erkent dat de kwaliteit van verpleeghuiszorg moet verbeteren en stelt de komende jaren hiervoor extra geld ter beschikking. Voor 2018 is de eerste stap gezet met een budgetverhoging van 435 miljoen euro. En vanaf 2021 is er 2,1 miljard euro extra per jaar beschikbaar om te voldoen aan de nieuwe normen voor goede zorg die zijn vastgelegd in het zogenaamde Kwaliteitskader Verpleeghuiszorg. Dit kader is een wettelijke basis voor de kwaliteit van verpleeghuiszorg.

Uitgavenplafonds

Ziekenhuizen, geestelijke gezondheidszorg (GGZ), huisartsen en de wijkverpleging krijgen te maken met een uitgavenplafond. Samen mogen deze sectoren minder uitgeven. In het regeerakkoord is hiervoor een besparing van 1,9 miljard euro per jaar ingeboekt. Hoe dit concreet wordt ingevuld, moet het kabinet nog uitwerken. Het Centraal Plan Bureau waarschuwt dat lagere zorguitgaven leiden tot minder zorg of zorg van slechtere kwaliteit.

Meer duidelijkheid voor verzekerden

Het kabinet Rutte III wil meer duidelijkheid voor verzekerden. Zorgaanbieders en verzekeraars moeten meer inzicht geven in de kwaliteit en de hoeveelheid ingekochte zorg. Ook moeten de behandeltarieven zichtbaar worden voor de consument.

Tot slot

Het kabinet Rutte III werkt de voorgestelde maatregelen de komende tijd verder uit in wetsvoorstellen. Tijdens de parlementaire behandeling kunnen de kabinetsplannen nog wijzigen. Het is dus nog de vraag of alle voorgestelde maatregelen ongeschonden de eindstreep halen.

Deel deze pagina

Artikel geschreven door:

Profiel foto van Jacques Hogerwerf
Jacques Hogerwerf Echtscheidingen, eigen woning, zorg

Studeerde Bedrijfseconomie aan de Vrije Universiteit in Amsterdam en Fiscaal Recht aan de Erasmus Universiteit in Rotterdam. Heeft een brede kennis en ervaring opgebouwd in verschillende financiële functies op het gebied van Vermogensstructurering. Momenteel is hij werkzaam als Specialist Vermogensstructurering.

Van gedachten wisselen met een specialist?

  • Wanneer het u uitkomt
  • Vrijblijvend
  • Persoonlijk
Regeerakkoord kabinet Rutte III: wat verandert er in de zorg?
5.0/94 (1 stem)
ABN AMRO MeesPierson | Financial Focus
Logo of ABN AMRO MeesPierson | Financial Focus