Chat with us, powered by LiveChat

ABN AMRO MeesPierson | Financial Focus

Mondiale schuldberg: onze schulden nemen toe, maar hoe erg is dat?

In de zomermaanden publiceren we een aantal artikelen die afgelopen jaar in ons magazine zijn verschenen. Omdat we vinden dat ze meer dan de moeite waard zijn om te lezen en het jammer zou zijn als u het artikel eerder hebt gemist. Dit artikel werd oorspronkelijk gepubliceerd in Financial Focus #1 2019.

De kredietcrisis zette de wereld op zijn kop. Een decennium later zijn de schulden overal ter wereld echter alleen maar gestegen. Overheden, bedrijven en consumenten lenen meer dan ooit. Hoe komt dit en moeten we ons zorgen maken of niet?

Huiseigenaren in Nederland hebben samen ongeveer 670,8 miljard euro aan hypotheekschulden uitstaan. Een immens bedrag, maar het is slechts een fractie van de totale schuldberg. Overheden, bedrijven en consumenten hebben wereldwijd in totaal zo’n 247.000 miljard dollar aan schuld, aldus het Institute of International Finance (IIF), de denktank van grote internationale banken. Opmerkelijk, want dat is veel meer dan vóór de kredietcrisis die ontstond door te hoge schulden op onder andere de huizenmarkt. In totaal is zo’n 74.000 miljard dollar aan éxtra schulden opgebouwd sinds 2008. Zowel overheden, banken als consumenten zijn in de jaren na de crisis meer gaan lenen dan ooit. Toch moeten we dit wel in perspectief zien door naast de schulden ook de bezittingen mee te nemen. Die zijn sinds de financiële crisis ook toegenomen met een herstel in de huizenmarkt en op de beurs.

Met de schuld neemt ook het risico toe

Geld lenen was lange tijd aantrekkelijker dan ooit. Met dank aan de centrale banken: hun beleid, bedoeld om de economie uit het slop te trekken, zorgde onder andere voor lage rentes. Door de wereldwijde economische groei hebben bedrijven en overheden bovendien voldoende belastinginkomsten en winst om aan de renteverplichtingen te voldoen. Alles draait immers om de ratio bij schulden: de verhouding tussen de schuld aan de ene kant en bezittingen en inkomsten aan de andere kant. Die ratio is ook belangrijk om de risico’s van die grote schulden in perspectief te plaatsen. Bij economische tegenwind wordt de waarde van de bezittingen gecorrigeerd en dalen de inkomsten. De schuldenberg blijft vaak intact en wordt een blok aan het been. Bedrijven als telecomonderneming Altice, die in de afgelopen jaren explosief zijn gegroeid door vele met vreemd vermogen gefinancierde overnames, voelen dan de druk van de enorme schuldenlast. Zeker als net zoals bij Altice de omzet achterblijft. De schulden die eerst groei mogelijk maakten, schrikken beleggers onder andere economische omstandigheden af. Dat zagen we ook tijdens de kredietcrisis. Alle bedrijven met een slechte balans werden flink afgestraft.

Oplopende overheidsschuld

Ook bij schulden van overheden draait alles om de balans. De oplopende schuldenklok op Times Square in New York kan dan ook niet los worden gezien van de groei van de Amerikaanse economie in de afgelopen jaren. Zo lang de schuld meegroeit met de economie en de belastinginkomsten, is er in theorie niet zoveel aan de hand. Dat de klok op Times Square, New York, in 2008 moest worden vervangen, lijkt dan niet meer dan een nieuwsfeitje. Het kwam een cijfer tekort om het getal hoger dan 10 biljoen dollar aan te geven. In de praktijk kunnen overheidsschulden door economische ontwikkelingen snel problematisch worden. Bijvoorbeeld toen tijdens de Europese schuldencrisis de overheden uit de noordelijke landen niet langer de tekorten in de zuidelijke periferie wilden dekken. In de huidige situatie in de Verenigde Staten maken analisten zich zorgen over de belastingplannen van Trump. De door hem doorgevoerde belastingverlagingen hebben op korte termijn winst opgeleverd in de vorm van toegenomen investeringen en consumptie. Op lange termijn nemen de belastinginkomsten echter af. Dat effect wordt versterkt door de renteverhogingen van de Federal Reserve. De rentegevoelige onderdelen van de Amerikaanse economie zoals de auto-industrie, waarin aankopen vaak met geleend geld worden gedaan, en de huizenmarkt laten nu al tekenen zien van verzwakking van de groei.

China

De aandacht voor de schuld van de VS neemt dus toe, maar het zijn de opkomende landen en met name China die het meest bijdragen aan de groei van de schulden sinds de financiële crisis. De Chinese staatsschuld bedroeg medio 2017 omgerekend circa 28 biljoen dollar, volgens Bank for International Settlements (BIS). Dit is ongeveer 270 procent van het bruto nationaal product. De Chinese regering trapte sinds 2017 behoorlijk op de rem, waardoor de schuldratio stabiel bleef. Dat ging ten koste van de groei op de korte termijn, maar het zou de economie op lange termijn verstevigen. Ook keek de overheid kritisch naar de omvang van het zogeheten schaduwbankieren. Een deel van de Chinese kredietmarkt bestaat uit leningen van lokale overheden die minder streng gereguleerd zijn. Met name dit deel van de Chinese kredietmarkt kan volgens analisten leiden tot een wereldwijde schuldencrisis (zie ook kader). Voorlopig heeft de structurele aanpak van de schuldenlast minder prioriteit voor China. Door het huidige handelsconflict met onder andere de VS richt de regering zich nu vooral op het opvangen van de negatieve economische effecten van de afnemende export. Bijvoorbeeld door overheidsbedrijven te verplichten om te investeren met geleend geld. Achterliggend doel is het voorkomen van sociale onrust in het land. Door afnemende groei van de welvaart kan sociale onrust ontstaan in het 1,3 miljard inwoners tellende land. Dat bedreigt de politieke stabiliteit.

Meer lenen voor studie

De schulden van consumenten zijn relatief beperkt tegenover die van overheden, maar niet minder zorgwekkend. Na de crisis hebben alleen consumenten in de landen die het hardst werden getroffen – zoals de VS, Ierland en Spanje – hun schulden afgebouwd. In veel andere landen is de schuld alleen maar gestegen. In 2010 stonden Nederlandse huishoudens voor 729 miljard euro in het krijt, blijkt uit gegevens van het CBS. In 2017 was dat opgelopen tot 760 miljard euro. Daar staan natuurlijk grote pensioen- en spaartegoeden tegenover. Slechts een deel daarvan is vrij opneembaar. De schuldenlast wordt bovendien versterkt door de toegenomen studentenleningen. Een probleem dat al langer speelt in de VS, maar nu ook in Nederland zichtbaar wordt. Bijna alle studiebeurzen zijn vervangen door studieleningen. Met de leningen nemen studenten als het ware een voorschot op hun consumptie in de toekomst. Met een remmend effect op de economie: de benodigde aflossingen hebben direct invloed op de koopkracht van deze generaties. Wie zijn studieschuld moet aflossen, koopt een kleinere auto en stelt een vakantie uit. Door de veranderingen op de arbeidsmarkt en de afgenomen baanzekerheid, kost het studenten bovendien meer moeite om aan het eind van hun studie de lening af te lossen.

Opium voor de markt

Het is de vraag of het ruime monetaire beleid met lage rentes geen opium voor de markt is geweest. De voordelen van vreemd vermogen zijn evident, maar het afbouwen van een te hoge schuldenlast vraagt om een weloverwogen strategie. Het afbouwen van schulden heeft hoe dan ook effect op de economische groei. Een oplopende inflatie kan het leed eventueel wat verzachten. Maar daardoor belanden centrale banken in een spagaat. Hun belangrijkste taak is te zorgen voor prijsstabiliteit. De Amerikaanse centrale bank, de FED, heeft ook als taak te zorgen voor een sterke economie. Een deel van de schuld laten weginflationeren zou wenselijk zijn, maar is in tegenspraak met prijsstabiliteit. Duidelijk is dat het afbouwen van schuld niet pijnloos is. De pijn moet een keer worden gevoeld. De minst pijnlijke oplossing lijkt een langzame afbouw van problematische schulden nu het economisch goed gaat. Het alternatief, namelijk snelle gedwongen afbouw van schulden in economisch slechte tijden, is weinig aanlokkelijk, zo laat de kredietcrisis zien.

Schaduwbankieren in China

De hoge overheidsschulden zijn niet het enige kredietprobleem dat China bezighoudt. De overheid probeert al langer het toezicht op het zogeheten schaduwbankieren te vergroten. Schaduwbankieren is kredietverlening door instellingen buiten het gereguleerde bankwezen. Een voorbeeld hiervan in ons land zijn beleggingsfondsen die beleggen in woninghypotheken. Hoewel de naam wat schimmig klinkt, noemt De Nederlandsche Bank het een ‘welkome bron van financiering voor de economie’ naast bancair krediet. Dit geldt zeker in Europa, waar het toezicht op deze vormen van krediet veelal goed geregeld is. In China is de situatie anders, in het land hebben met name lokale overheden als gemeenten en provincies grote leningen uitstaan. In oktober waarschuwde kredietbeoordelaar S&P nog voor de enorme schuldenberg van naar schatting 40 biljoen yuan (5 biljoen euro) die lokale overheden in China in de loop van jaren hebben opgebouwd. Dit zijn leningen die niet op de balans staan. Economen vrezen dat die leningen in combinatie met de afzwakkende Chinese economie kunnen leiden tot een schuldencrisis in China. Iets dat ook effect zal hebben op de rest van de wereld.

Deel deze pagina

Artikel geschreven door:

Profiel foto van Ralph Wessels
Ralph Wessels Beleggingsstrateeg

Ralph is Hoofd Beleggingsstrategie bij ABN AMRO MeesPierson. Hij is sinds 2011 werkzaam bij de bank waar hij is begonnen als aandelenanalist.. Hiervoor werkte hij als beleggingsstrateeg bij Robeco. Ralph is een afgestudeerd bedrijfseconoom aan de Erasmus Universiteit Rotterdam met specialisatie in financiële markten & beleggen.

Vrijblijvend van gedachten wisselen met een specialist?

ABN AMRO MeesPierson | Financial Focus
Logo of ABN AMRO MeesPierson | Financial Focus

Wellicht is dit ook interessant...