ABN AMRO MeesPierson | Financial Focus

Analyse van de pensioenplannen van Rutte III

Ons pensioenstelsel gaat veranderen. Dat is (bijna) zeker. In mijn vorige blog heb ik de plannen omschreven. In dit blog analyseer ik ze.

Afschaffen doorsneepremie

Het afschaffen van de doorsneepremie kan gevolgen hebben voor het bestaansrecht van pensioenfondsen. Daarnaast kan compensatie voor diegenen die nadeel hebben van het afschaffen van de doorsneepremie, leiden tot inflatie.

Bedrijfstakpensioenfondsen: bestaansrecht onzeker

Iedereen die werkzaam is in een bepaalde sector moet zich verplicht aansluiten bij een bepaald bedrijfstakpensioenfonds. Dat is eigenlijk in strijd met de vrije mededinging. Het is toch toegestaan omdat er een maatschappelijk belang is: de doorsneepremie (elkaar helpen). Als de doorsneepremie komt te vervallen, valt dat maatschappelijk belang weg. De vraag is dan of er nog een legitieme reden aanwezig blijft voor de monopoliepositie van een bedrijfstakpensioenfonds. Toch wil Rutte III de bedrijfstakpensioenfondsen in stand houden. Dat kan dus vanuit juridisch perspectief uitdagend worden.

Compensatie: lastig realiseerbaar en inflatie

In mijn vorige blog heb ik uitgelegd hoe de doorsneepremie werkt. Het afschaffen daarvan heeft met name gevolgen voor de huidige veertigers. In het regeerakkoord staat dat diegenen, die nadeel ondervinden van het afschaffen, zullen worden gecompenseerd door de fiscale kaders tijdelijk te verruimen. Ik vraag me af of deze plannen realiseerbaar zijn. Tevens vrees ik inflatie.

Volledige compensatie: niet haalbaar

De fiscale kaders worden tijdelijk verruimd. Hoe is nog onbekend. De voorwaarde is wel dat de compensatie “geen effect heeft op de houdbaarheid van de overheidsfinanciën op de lange termijn”. Sommige berekeningen geven aan dat de compensatie ongeveer €100 miljard moet zijn. Andere berekeningen spreken over een bedrag van €60 miljard. Als deze berekeningen juist zijn heeft volledige compensatie wel degelijk gevolgen voor de houdbaarheid van de overheidsfinanciën op de lange termijn (jaarlijks totale overheidsbudget ongeveer € 300 miljard). Mijn conclusie is dan ook dat volledige compensatie niet haalbaar is.

Inflatie

Daarnaast zouden de uitwerking van de plannen zo kunnen zijn dat de gedupeerden meer premie mogen inleggen voor hun pensioen. Die premie zal dan wel betaald moeten worden. In de meeste gevallen betaalt zowel de werkgever als de werknemer ieder een deel. De kans is groot dat deze gedupeerden als compensatie hogere looneisen gaan stellen om de aanvullende premie ook daadwerkelijk te kunnen betalen. Omdat er (in beginsel) geen onderscheid naar leeftijd mag worden gemaakt bij arbeid zou dit een algemene loonstijging kunnen betekenen. Een en ander betekent dat de kostprijs van producten en diensten hoger wordt. Dit zorgt voor (kosten)inflatie. Als gevolg van de stijgende lonen, zullen bepaalde groepen werknemers meer te besteden hebben. Dit zorgt voor (bestedings)inflatie. Echter de pensioenen van diegenen die al met pensioen zijn, kunnen in de meeste gevallen vooralsnog niet stijgen. Dit komt vanwege de huidige lage dekkingsgraden van de pensioenfondsen. Gepensioneerden zien hun koopkracht daarom mogelijk dalen.

ZZP-ers mogen pensioen opbouwen bij pensioenfonds

De regering wil de wetgeving dusdanig aanpassen dat ZZP-ers bij pensioenfondsen pensioen mogen opbouwen. Echter pensioenfondsen moeten hier nog wel aan mee willen werken. Immers, door het toe te staan dat individuen zich kunnen aansluiten, betekent dit een extra administratieve last. Deze last zal ten koste gaan van het rendement. De vraag is of het bestuur van pensioenfondsen, die als taak hebben de belangen van deelnemers te behartigen, daarmee akkoord gaan.

Bij pensionering geld mogen opnemen

In het regeerakkoord staat dat er sprake moet blijven van een collectieve uitkering. Dat houdt in dat het langlevenrisico collectief wordt gedeeld. Of anders gezegd: als jouw pensioenpotje op is, dan word je toch doorbetaald. Dat kan met het overgebleven pensioengeld van iemand die al is overleden.

Deze collectieve gedachtegang is in mijn ogen in strijd met het feit dat bij pensioen iemand geld uit zijn pensioenpot mag opnemen. Immers diegenen die denken niet lang te leven, zullen geneigd zijn geld uit hun pensioenpot te halen. Hierdoor kan doorbetaling van diegenen die echt lang leven in gevaar komen.

Levenslange uitkeringen blijven

Aan de ene kant is het goed dat levenslange pensioenuitkeringen in stand blijven. Dit strookt met de wens om de uitkeringen collectief te houden. Maar stel nu dat u €2.000.000 heeft, dan heeft u mogelijk geen behoefte aan een levenslange uitkering. Terwijl het levenslang afdekken van pensioen veel geld kost.

Geen gelijk speelveld tussen lijfrente-uitvoerders en pensioenuitvoerders

Zoals ik de plannen nu lees, zal sparen voor je pensioen bij de werkgever voordeliger worden ten opzichte van sparen voor je pensioen in privé. Immers, bij in privé sparen is op termijn het percentage waartegen de premie afgetrokken mag worden ongeveer 37%. Via de werkgever tegen maximaal 49,5%. Dit zorgt voor een verstoring in het gelijke speelveld tussen pensioenuitvoerders en uitvoerders van lijfrenten. Het fiscale voordeel is bij een pensioenuitvoerder immers groter dan bij een lijfrente-uitvoerder.

Wat mis ik?

Mijns inziens is het op termijn niet meer mogelijk om voor een levenslang pensioen te zorgen; althans niet in combinatie met een maatschappelijk aanvaardbare pensioenleeftijd. Naar verwachting worden we steeds ouder. Het is wettelijk geregeld dat zowel AOW-leeftijd als pensioenrichtleeftijd mee zullen stijgen met de levensverwachting. Dat betekent dus dat zowel AOW-leeftijd als pensioenrichtleeftijd in de toekomst naar verwachting verder zullen stijgen. In onze maatschappij hoor je nu al stemmen opgaan om een halt toe te roepen aan verdere verhoging. Sterker nog: sommigen vinden dat de AOW- leeftijd weer terug moet naar 65.

De combinatie deeltijdpensioen en voor een bepaalde periode in deeltijd doorwerken om een paar jaar daarna full-time met pensioen te gaan, is mijns inziens een meer toekomstbestendig model. Part-time door blijven werken betekent dat vaardigheden voortdurend op peil gehouden moeten worden. Het lijkt mij daarom dan ook wenselijk dat een bepaald gedeelte van het gespaarde pensioen voor opleiding gebruikt mag worden.

Deel deze pagina

Artikel geschreven door:

Profiel foto van Masha Bril
Masha Bril Pensioenen, levensverzekeringen, banksparen

Masha Bril studeerde Bedrijfseconomie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en voltooide de Masteropleiding Financial Planning aan dezelfde universiteit. Daarnaast studeerde hij fiscaal pensioenrecht en pensioenrecht aan de Vrije Universiteit. Hij werkt sinds 1999 binnen de Private Banking tak van de bank. Binnen het Kenniscentrum Vermogensadvies & Beleggen houdt hij zich onder andere bezig met pensioenen en lijfrenten. Daarnaast is hij een docent aan o.a. de Erasmus Universiteit en vice-voorzitter van het Verantwoordingsorgaan van het ABN AMRO Pensioenfonds.

Van gedachten wisselen met een specialist?

  • Wanneer het u uitkomt
  • Vrijblijvend
  • Persoonlijk
Analyse van de pensioenplannen van Rutte III
0.0/5 score (0 stemmen)
ABN AMRO MeesPierson | Financial Focus
Logo of ABN AMRO MeesPierson | Financial Focus