Chat with us, powered by LiveChat

ABN AMRO MeesPierson | Financial Focus

Belastingaangifte: let op bij waardering vastgoed in box 3

De Belastingdienst heeft onlangs onderzoek gedaan naar de belastingaangifte. Is aangifte doen eenvoudig? Hieronder het antwoord en enkele andere opvallende resultaten. Uw antwoord op deze vraag kan afhankelijk zijn van de samenstelling van uw vermogen. Bezit u vastgoed? Houdt u er dan rekening mee dat vastgoed diverse ‘fiscale smaken’ heeft.

Feiten en omstandigheden belangrijk bij waardering vastgoed

Beleggingsvermogen is doorgaans box 3-vermogen. Maar of een vastgoedportefeuille tot box 3 of tot box 1 behoort, is niet altijd op voorhand duidelijk. “Vastgoedportefeuilles met meer dan 3 woningen worden in de huidige systematiek niet automatisch in box 1 geplaatst.” Dit antwoordde staatssecretaris Snel (D66) onlangs op een vraag uit de Tweede Kamer. Afhankelijk van de feiten en omstandigheden kan het vastgoed tot box 1 behoren in plaats van tot box 3. Omdat u bijvoorbeeld meer doet dan normaal, actief vermogensbeheer.

Diverse fiscale regels in box 3

De systematiek van de belastingheffing over het vermogen in box 3 is voor alle beleggingen hetzelfde, ongeacht het type vermogen. Staatssecretaris Snel: “Alle beleggingen die behoren tot de rendementsgrondslag van box 3 worden belast tegen een forfaitair rendement.” In mijn blog ‘Zo ziet de belastingheffing in box 3 eruit in 2019’ leest u hier meer over. “De fiscale behandeling van beleggen in woningen is op hoofdlijnen hetzelfde als de fiscale behandeling van andere typen beleggingen”. Dit antwoordde staatssecretaris Snel dan ook onlangs op de vraag van de PvdA-fractie in de Tweede Kamer, of de bewindsman ook van mening is dat beleggen in woningen fiscaal zeer aantrekkelijk is.

Binnen box 3 bestaan wel diverse fiscale regels voor de waardering van het vermogen in box 3. Bij vastgoed hangt de hoogte van de fiscale waarde af van het type vastgoed. Had u op 1 januari 2018 een tweede huis? Voor een tweede huis in Nederland geldt de WOZ-waarde. Voor de aangifte inkomstenbelasting 2018 gaat het om de WOZ-waarde op de peildatum 1 januari 2017. Voor een vakantiehuis in het buitenland is geen WOZ-waarde beschikbaar. Dan moet u voor de belastingaangifte de werkelijke waarde in onbewoonde en onverhuurde staat op 1 januari 2017 bepalen. Voor een bedrijfspand in box 3 neemt u voor de aangifte inkomstenbelasting 2018 de werkelijke waarde (de waarde in het economische verkeer) op 1 januari 2018.

Ook voor een woning die u als belegging structureel verhuurt, geldt de WOZ-waarde als uitgangspunt bij de waardering. Verhuurde u in 2018 een woning in Nederland waarvoor de huurder recht heeft op huurbescherming? Voor de waarde van deze woning in de aangifte inkomstenbelasting 2018 geldt dan een lagere waarde dan de WOZ-waarde op 1 januari 2017. De waarde is lager omdat deze in verhuurde staat verkeert. De (kale) jaarhuur bepaalt hoeveel de waarde lager is. Op de pagina ‘Waarde verhuurde woning als overige onroerende zaak’ van de Belastingdienst leest u hier meer over. Daar vindt u ook de tabel met het percentage waarmee u de WOZ-waarde dan moet vermenigvuldigen.

In bepaalde situaties geldt een vast percentage van de WOZ-waarde. Bijvoorbeeld als de huur onzakelijk is omdat de huurprijs veel lager (of hoger) is dan gebruikelijk. Hier kan bijvoorbeeld sprake van zijn als u als ouder de woning aan uw kind tegen een te lage huurprijs verhuurt. Het vaste percentage waarmee u de WOZ-waarde moet vermenigvuldigen is dan 62% (op basis van een vaste huurprijs van 3,5% van de WOZ-waarde). Denkt u er dan aan dat als u bijvoorbeeld een lagere huurprijs in rekening brengt aan uw kind, in principe sprake is van een schenking van u aan uw kind.

Bitterballen na indiening van de belastingaangifte?

Tot slot nog enkele uitkomsten van het onderzoek van de Belastingdienst naar de belastingaangifte:

  • Ruim een kwart zegt liever belastingaangifte te doen dan huishoudelijke klusjes (28%).
  • Ruim de helft vindt de belastingaangifte eenvoudig (56%).
  • Bijna negen op de tien dienen hun aangifte in met het vertrouwen dat ze alles juist hebben ingevuld (88%).
  • Ruim een derde vindt het toch wel spannend wanneer zij de aangifte daadwerkelijk verzenden (36%).
  • De helft is trots op zichzelf wanneer de aangifte is gedaan (48%) en 7% trakteert zichzelf op een lekkere snack na afronding. Bitterballen na indiening van de belastingaangifte?

Deel deze pagina

Artikel geschreven door:

Profiel foto van Peter Pleijsant
Peter Pleijsant Fiscaliteit, vastgoed en bedrijfsoverdracht

Studeerde Fiscaal Recht in Leiden en werkte als belastingadviseur bij Deloitte. Sinds 2006 werkt hij bij ABN AMRO MeesPierson. Peter Pleijsant houdt zich bezig met fiscaliteit, vastgoed en bedrijfsoverdracht.

Vrijblijvend van gedachten wisselen met een specialist?

ABN AMRO MeesPierson | Financial Focus
Logo of ABN AMRO MeesPierson | Financial Focus