Chat with us, powered by LiveChat

ABN AMRO MeesPierson | Financial Focus

Is een doel ooit bereikt?

De wens van een ongeneeslijk ziek kind, de uitdaging om naar Mars te reizen, de oprichting van een monument of de ontwikkeling van een nieuw medicijn: als er geld moet komen, dan richten we een stichting op. Maar die stichtingen lijken nooit te verdwijnen. Dat roept bij mij de vraag op of het doel ooit is bereikt.

Nederland is een echt stichtingenland. Er zijn meer dan 100.000 ingeschreven bij de Kamer van Koophandel. Maar hoe komt het dat er altijd stichtingen bij lijken te komen en je niet vaak leest dat ze verdwijnen omdat het doel is bereikt? Toen ik de geschiedenis indook, kwam ik erachter dat er nog vijftig vicarieën in Nederland zijn, oorspronkelijk middeleeuwse rechtspersonen naar kerkelijk én wereldlijk recht. Hun doel destijds was priesters in hun levensonderhoud ondersteunen. Vandaag de dag dienen veel van deze stichtingen het algemeen nut door studietoelagen te verstrekken.

Doelen veranderen

En daarin ligt een antwoord op mijn vraag: het lijkt of het doel nooit helemaal bereikt is, doordat het doel verandert. Sommigen zeggen dat dit juist het probleem van goede doelen is. Ze leiden aan ‘mission creep’. Het alsmaar goed willen doen, leidt ertoe dat ze altijd nieuwe problemen vinden en hun missie onterecht oprekken. Hun uiteindelijke streven zou juist moeten zijn om zichzelf op te heffen. Zo wil het KNCV Tuberculosefonds in 2035 in ons land op het niveau van vrijwel gehele eliminatie zitten met één geval per miljoen inwoners. In Nederland is er nog een ondersteunende en adviserende rol, maar de tbc-bestrijding is overgedragen aan de GGD’en. Het grootste deel van het werk is naar andere landen verlegd, waar het KNCV de organisatie van de tbc-bestrijding ondersteunt om het op termijn te integreren in de lokale zorg.

‘Raison d’être’

Niets mis mee als je het mij vraagt. Sterker nog, ik vind het een goede zaak. Ik herinner mij het artikel in Trouw waarin Edwin Venema (hoofdredacteur van De Dikke Blauwe) een keerzijde signaleerde en daar mogen we onze ogen niet voor sluiten. Zo omschreef hij Goede Doelen soms als een ‘verslavende, charitatieve tredmolen waarin de oprichters en medewerkers weliswaar hun ziel en zaligheid kwijt kunnen, maar waarin de prestaties en impact op de samenleving niet meer het dwingende punt op de horizon zijn’. Ik ben het met hem eens dat Goede Doelen voortdurend hun ‘raison d’être’ in de gaten moeten houden. Uiteindelijk wil je als Goed Doel immers een maatschappelijk probleem oplossen. Tegelijkertijd vraag ik me af of het verkeerd is om iets in stand te houden omdat je goed bezig bent.

Structurele veranderingen

Moeten Goede Doelen inderdaad voornamelijk impact maken en uiteindelijk ook sociaal én financieel presteren? Er zijn mensen die zeggen dat als je het niet kan meten je het ook niet moet doen. Als één sector zich niet alléén maar moet onderwerpen aan impactanalyses dan is het volgens mij de filantropische sector. Want juist ondernemerschap, risico nemen en grote dromen zijn belangrijk om structurele veranderingen te bewerkstellingen. ‘The Hunger Project’ is daar een goed voorbeeld van. Dit Goede Doel zet zich in om een duurzaam einde aan chronische honger te maken. Niet door voedsel te sturen, maar door te investeren in mensen en zelfredzaamheid te stimuleren. Dat meten zij overigens wel! Maar een garantie dat deze mensen straks op eigen kracht verder kunnen, is er niet. Moet je daarom zeggen ‘dan doen we dus maar niets’?

We wachten niet af

Natuurlijk is het belangrijk dat er een duidelijk doel is. Wij houden altijd voor ogen dat de uitdaging van onze klanten per definitie gericht is op de lange termijn. Door alleen naar resultaten op de korte termijn te kijken, doe je de filantropische sector tekort. Filantropie speelt een grote rol in het helpen ontstaan, lanceren, opschalen en ondersteunen van initiatieven waar de maatschappij – soms pas op de lange termijn – sociaal en economisch profijt van heeft. Problemen oplossen, doelen bereiken en grenzen verleggen, daar zetten we ons voor in. We wachten dus niet af, maar komen in actie omdat er een verbetering in het verschiet ligt.

Deel deze pagina

Artikel geschreven door:

Profiel foto van Marianne Verhaar
Marianne Verhaar Directeur Private Wealth Management

Een groot vermogen geeft u veel vrijheid, maar vraagt ook om discretie en maatwerk. Marianne Verhaar is directeur Private Wealth Management bij ABN AMRO MeesPierson, dé dienstverlening voor zeer vermogenden.

Voorheen schreef Marianne artikelen als directeur Relatiemanagement Goede Doelen en directeur Filantropie Advies.

 

Vrijblijvend van gedachten wisselen met een specialist?

ABN AMRO MeesPierson | Financial Focus
Logo of ABN AMRO MeesPierson | Financial Focus