Chat with us, powered by LiveChat

ABN AMRO MeesPierson | Financial Focus

Veranderingen in ons belastingstelsel

Ons belastingstelsel moet toekomstbestendig en eenvoudiger worden. Maar de grootste veranderingen komen pas in de volgende kabinetsperiode (uiterlijk vanaf 2021). Dat blijkt uit een recent bericht van staatssecretaris Snel (D66) van Financiën. In dit blog leest u meer over de onderzoeken die de regering laat doen naar de mogelijkheden om het huidige stelsel te verbeteren.

Bouwstenen voor verbetering van ons belastingstelsel

De staatssecretaris wil voor een fundamentele herziening van het belastingstelsel begin 2020 een aantal concrete bouwstenen opleveren. Niet één groot allesomvattend plan, maar een verzameling beleidsopties met knelpunten en perspectief op oplossingen. Politieke partijen kunnen daar vervolgens uit kiezen. Daarvoor laat de staatssecretaris eerst een aantal onderzoeken doen. De eerste resultaten daarvan kunnen we op Prinsjesdag (dinsdag 17 september a.s.) verwachten. Hieronder leest u meer informatie uit de documenten van de regering over een aantal van die onderzoeken.

Vereenvoudigingen tijdens deze kabinetsperiode

Het bovenstaande betekent niet dat het huidige kabinet-Rutte III op fiscaal terrein al klaar is met regeren. Staatssecretaris Snel komt dan ook al binnenkort met een aantal mogelijkheden om ons belastingstelsel nog in de huidige kabinetsperiode te vereenvoudigen.

Belastingstelsel moet inspelen op actuele ontwikkelingen

In de brief over de bouwstenen van de staatssecretaris aan de Tweede Kamer staat dat het van belang is om ons belastingstelsel te blijven aanpassen aan de eisen van de tijd. Enkele vragen zijn:

  • Hoe wil de regering inkomsten die zijn behaald via een digitaal platform op een eerlijke en effectieve manier belasten?
  • Hoe kan het fiscale stelsel bijdragen aan de beperking van de gevolgen van klimaatverandering?
  • Kan de regering belastingen nog meer gebruiken om klimaatvriendelijk gedrag te stimuleren?
  • Welk effect heeft de opkomst van de elektrische auto op de hoeveelheid belastinggeld die de regering via brandstofaccijns ophaalt?

“Vereenvoudiging heeft altijd een ‘prijs’ op een ander gebied”

Veranderingen in het huidige belastingstelsel zijn nodig om te voorkomen dat we straks een verouderd belastingsysteem hebben. Maar de ruimte voor veranderingen is beperkt. De capaciteit van de Belastingdienst is gelimiteerd. Daarnaast wijst de staatssecretaris erop dat vereenvoudiging kan betekenen dat er minder maatwerk mogelijk is voor specifieke doelgroepen. Vereenvoudiging kan ook budgettaire gevolgen en inkomenseffecten hebben.

Onderzoek naar de eigenwoningregeling (box 1)

Staatssecretaris Snel realiseert zich dat de huidige fiscale behandeling van de eigen woning (het hoofdverblijf) op nationaal niveau anders is dan bij andere vermogensvormen. En ook anders dan bij ander vastgoed van particulieren. Dat komt door de hypotheekrenteaftrek en het eigenwoningforfait. De staatssecretaris laat onderzoek doen naar de doelmatigheid, doeltreffendheid en complexiteit van de huidige eigenwoningregeling. De evaluatie hiervan is eind 2019 klaar.

Onderzoek naar de belastingheffing bij de DGA (box 2)

De staatssecretaris wil ook onderzoek laten doen naar box 2 van de inkomstenbelasting. Deze box is onder andere belangrijk voor de directeur-grootaandeelhouder (DGA) van een BV. Het gaat bij dit onderzoek onder andere om de inkomens- en vermogenspositie van DGA’s. Hoe verhoudt bij de DGA de heffing over kapitaalinkomen zich tot de heffing over arbeidsinkomen. En zijn er verbeteringen mogelijk? De staatssecretaris wil ook kijken naar de huidige mogelijkheden die DGA’s hebben om belastingheffing langdurig uit te stellen, of zelfs af te stellen. Ook wil hij kijken naar de mogelijkheden binnen het huidige boxenstelsel om vermogen aan te houden in box 2 of in box 3.

Onderzoek naar de vermogensrendementsheffing (box 3)

Zowel in bovengenoemde brief over de bouwstenen als in een afzonderlijke brief gaat de staatssecretaris in op de huidige belastingheffing over het vermogen in box 3. Het kabinet begrijpt het maatschappelijke verlangen naar een belastingheffing over het werkelijk rendement in plaats van de huidige heffing over een forfaitair rendement. Dat komt doordat de obligatie- en spaarrente de afgelopen jaren zijn gedaald.

Maar een belastingheffing over het werkelijk rendement zorgt voor veel problemen. Zoals een flinke verzwaring van de administratieve lasten en een toename in complexiteit. Vooral voor belastingbetalers (of hun nabestaanden) die gedurende een jaar scheiden, overlijden, emigreren of immigreren. Een dergelijk systeem sluit ook niet goed aan bij de vooringevulde belastingaangifte. Dan zou de vermogensrendementsheffing mogelijk een jaar achter moeten gaan lopen op de belastingheffing in box 1 en box 2. En een belastingheffing over het werkelijk rendement is alleen uitvoerbaar en te handhaven met minder belastingbetalers in box 3 dan nu (2,8 miljoen). Dat laatste is bijvoorbeeld te realiseren met een verhoging van het heffingvrije vermogen in box 3 (2019: € 30.360 per belastingbetaler).

Volgens de staatssecretaris zijn voor een heffing op basis van het werkelijk rendement op korte of middellange termijn dan ook concessies nodig op één of meerdere uitgangspunten:

  • de mogelijkheden om belastingontwijking tegen te gaan
  • de vooringevulde belastingaangifte
  • de stabiliteit en omvang van de belastinginkomsten
  • het aantal belastingbetalers in box 3.

Belastingbetalers met vooral of uitsluitend spaargeld in box 3

De staatssecretaris heeft toegezegd een versneld deelonderzoek te laten uitvoeren naar de mogelijkheden om belastingbetalers met vooral of uitsluitend spaargeld tegemoet te komen. Dit deelonderzoek wordt naar verwachting op Prinsjesdag 2019 gepubliceerd. Overigens wijst de staatssecretaris daarbij op te verwachten afbakeningsproblemen en ontwijkingsproblemen rond de peildatum in box 3. Daardoor zou men vermogen onder de meest gunstige categorie kunnen laten vallen.

Onderzoek naar de vennootschapsbelasting

Staatssecretaris Snel schrijft in zijn brief ook dat de vennootschapsbelasting een ingewikkelde belasting is, mede door de internationale dimensie. Daarnaast is deze belasting van belang voor de economische groei, vooral door het effect op investeringsbeslissingen. De staatssecretaris laat onderzoek doen naar mogelijkheden om het belasten van bedrijfswinsten eenvoudiger te maken, met minder economische verstoringen. Een fiscaal aantrekkelijk vestigings- en investeringsklimaat en tegelijkertijd minder belastingconcurrentie en minder belastingontwijking zijn daarvoor belangrijke randvoorwaarden.

Waarschijnlijk zal de regering het huidige belastingstelsel op een aantal punten veranderen. Binnenkort weten we meer over hoe het er naar verwachting in de toekomst uit zal zien.

Deel deze pagina

Artikel geschreven door:

Profiel foto van Peter Pleijsant
Peter Pleijsant Fiscaliteit, vastgoed en bedrijfsoverdracht

Studeerde Fiscaal Recht in Leiden en werkte als belastingadviseur bij Deloitte. Sinds 2006 werkt hij bij ABN AMRO MeesPierson. Peter Pleijsant houdt zich bezig met fiscaliteit, vastgoed en bedrijfsoverdracht.

Vrijblijvend van gedachten wisselen met een specialist?

ABN AMRO MeesPierson | Financial Focus
Logo of ABN AMRO MeesPierson | Financial Focus