Chat with us, powered by LiveChat

ABN AMRO MeesPierson | Financial Focus

Zoek de duurzame verschillen

De verschillende rankings van landen op duurzaamheid laten zien hoe het ene land voorop loopt in duurzaamheid, terwijl het andere land er ogenschijnlijk nauwelijks iets mee doet. Maar wie zich alleen focust op de winnaars, krijgt niet het juiste beeld en mist veel.

De meeste mensen zijn dol op lijstjes. Niet voor niets: een ranking van de beste naar de slechtste geeft helder overzicht en trekt één onverbiddelijke streep tussen winnaars en verliezers. Zo ook bij de duurzaamheid van landen. In een oogopslag zie je welk van de 196 landen in de wereld het best presteren op duurzaamheid. En welke landen de grootste vervuilers zijn.

Er zijn tientallen rankings die landen beoordelen op hun mate van duurzaamheid. De uitkomsten verschillen, maar de Westerse landen staan traditioneel bovenaan. De Noord-Europese landen scoren het hoogst. Met Finland vaak als grote winnaar. Het land waarvan de bewoners door het koude klimaat grootverbruikers zijn van energie, haalt sinds dit jaar het grootste deel van de energiebehoefte uit hernieuwbare energiebronnen. Vaak de laatste op de lijst van duurzame landen: Oost-Afrikaanse landen zoals Somalië en Burundi.Deze landen hebben te maken met armoede en hongersnood door politieke conflicten en natuurrampen.

Welvaart mist in de criteria

Het verschil tussen Finland en Somalië toont de beperking van de lijstjes: in de weging van de duurzaamheid wordt geen rekening gehouden met de mate van welvaart. In welvarende landen hebben overheid en burgers middelen beschikbaar om naast de basisbehoeften te investeren in duurzaamheid. De economieën van veel ontwikkelingslanden hebben daar geen ruimte voor. In opkomende landen ligt de nadruk bovendien vaak op snelle groei. Om het welvaartsverschil in te halen, grijpen ze naar vervuilende oplossingen. Daarmee maken ze de klimaatproblematiek onbedoeld
groter. Een voorbeeld is China, dat jarenlang de energie die nodig was voor de groei van de industrie, opwekte door de bouw van vele kolencentrales. Het is dus belangrijk om duurzaamheid in perspectief te plaatsen. Sommige landen hebben immers een voorsprong, anderen starten vanaf
een achterstandspositie. Zo doen binnen Europa Zwitserland en Oostenrijk het goed, mede omdat ze door de hoogteverschillen in het landschap volop gebruik kunnen maken van hernieuwbare hydroenergie in waterkrachtcentrales.

Overheidsbeleid

Ook het overheidsbeleid speelt een belangrijke rol in de mate van duurzaamheid. Neem de Verenigde Staten, waar de huidige regering het bedrijfsleven zo weinig mogelijk beperkingen op wil leggen. President Trump draaide zelfs eerder opgelegde beperkingen voor de kolenindustrie (verantwoordelijk voor veel CO2- uitstoot) terug. Omgekeerd kan ingrijpen van de overheid juist ook leiden tot verduurzaming.

Opvallendste voorbeeld is de koerswijziging van het autoritaire regime in China, dat nu honderden miljarden investeert in de opwekking van duurzame energie. Het land heeft de geplande bouw van 104 kolencentrales geschrapt. Het terugdringen van de CO2-uitstoot in het land is voor China een noodzaak: het land kampt in verschillende gebieden met chronische luchtvervuiling. Dat bemoeilijkt het leven in de snel groeiende steden. Dat bedreigt de economische groei en politieke stabiliteit, weet de Chinese overheid, die verdere onrust onder de middenklasse in het 1,3 miljard inwoners tellende land wil beperken.

Wat is de meetlat?

Het is ook de vraag langs welke duurzame meetlat de opstellers van de ranking de landen leggen. Wordt bijvoorbeeld alleen de milieuvriendelijkheid van een land gemeten, of de CO2-uitstoot? Of is de ranking gebaseerd op verschillende duurzaamheidsfactoren? De veelgebruikte ESG-criteria laten zien hoe een land scoort op de duurzaamheidsfactoren Environmental (milieu), Social (sociaal beleid) en Governance (goed ondernemingsbestuur). In opkomst zijn de Social Development Goals (SDG’s) van de Verenigde Naties om duurzaamheid aan af te meten. Dit zijn zeventien doelen die een eind moeten maken aan armoede, ongelijkheid en klimaatverandering in 2030. Een manier om de positieve impact te meten die activiteiten hebben op bijvoorbeeld welvaart, schoon water en educatie. Zo doet Nederland het vooral goed op economisch vlak (welvaart voor iedereen) en de rechtsstaat (sterke instituties). We blijven achter op indicatoren die betrekking hebben op milieu, klimaat, energie en ongelijkheid.

De SDG’s doen recht aan de verschillende duurzame factoren die samen de duurzaamheid van een land bepalen. Voor alle methoden geldt echter dat over duurzaamheid valt te twisten. Neem Finland dat wereldwijde lof krijgt voor het aandeel hernieuwbare energiebronnen. Kernenergie is
daarin een belangrijke component. Waar de Finnen en veel andere landen deze vorm van energie wel als duurzaam zien door de minimale CO2-uitstoot, denken veel Nederlanders daar heel anders over. In ons land wordt dit vaak als niet-duurzaam gezien door onder meer de impact van een ramp met een kerncentrale en het radioactieve afval dat kernenergie oplevert.

Klein landje

Grootste probleem is dat het wel een wedstrijd lijkt met al die vergelijkingslijstjes in duurzaamheid van landen. Zonde, want zo raakt het werkelijke doel – verduurzaming van de wereld – uit zicht. Ook kan het idee ontstaan dat Nederland als klein landje niets kan betekenen op duurzaam vlak, zolang vervuilende opkomende economieën als China en India ogenschijnlijk zo weinig doen. De feiten zijn anders. China is het land met verreweg de meeste CO2-uitstoot, maar als je kijkt naar de emissie per inwoner dan staan landen in Europa en het Midden- Oosten bovenaan. En een relatief jong land als de Verenigde Staten heeft als land de meeste CO2-uitstoot ooit gecreëerd.

Gezamenlijk probleem

Economisch zijn de ontwikkelde, duurzame landen kwetsbaarder dan gedacht. Toezichthouder de Nederlandsche Bank wees er onlangs op dat Nederlandse financiële instellingen zeker €97 mrd hebben geïnvesteerd in bedrijven die actief zijn in gebieden met extreme waterschaarste. Als die schaarste omslaat in tekorten, kunnen die bedrijven in de problemen komen. Kortom, de problemen van arme landen zijn ook de problemen van rijke landen en omgekeerd. Arme landen zijn door hun ligging kwetsbaar voor de gevolgen van niet-duurzaam gedrag van Westerse economieën in de afgelopen eeuwen. Onder andere Milieudefensie wijst op de watersnood- en voedselrampen die Afrika en Azië hebben getroffen. Niet voor niets is in het klimaatakkoord van Parijs afgesproken dat de rijke landen de arme landen moeten helpen verduurzamen. Elk jaar moet er €91 mrd beschikbaar worden gesteld, onder andere om ontwikkelingslanden te helpen hun uitstoot te verminderen.

Verduurzaming van vervuilers

Wie alleen naar de best presterende landen kijkt, mist in meerdere opzichten dus veel. Juist de verduurzaming van de ‘vervuilers’ biedt kansen. De snelheid waarmee opkomende landen een achterstand kunnen ombuigen naar vooruitgang is aansprekend. China is natuurlijk een voorbeeld,
maar ook het Zuid-Amerikaanse Uruguay. Aan het eind van het vorige millennium was olie met 27 procent de grootste importpost voor het land. Nu zijn dat windturbines. Uruguay draait inmiddels voor 55 procent op hernieuwbare energie. Het wereldwijde gemiddelde staat op 12 procent. Ter vergelijking; Nederland haalt net 7 procent.

Toegang tot innovatie

Niet alleen overheden stimuleren de verduurzaming van opkomende markten, ook steeds meer beleggers zien hier interessante kansen. De grootste uitdaging voor de opkomende markten, is toegang tot kapitaal voor innovatieve
ontwikkelingen. Daarom kiezen meer beleggers ervoor te investeren in landen die het op duurzaam vlak nog niet zo goed of zelfs slecht doen, maar wel de intentie hebben dit te willen veranderen. Dat kan niet alleen een aantrekkelijk rendement opleveren, maar heeft ook duurzame impact. Zo draagt een investering in een windmolenpark in Nicaragua, dat de energietoevoer van miljoen huishoudens zeker stelt, meer bij aan economische ontwikkeling en verduurzaming in de regio dan een investering in een Zweeds windmolenpark.

Deel deze pagina

Artikel geschreven door:

Profiel foto van Judith Sanders
Judith Sanders Beleggingsstrateeg

Judith Sanders is sinds juni 2018 Beleggingsstrateeg bij ABN AMRO MeesPierson. Ze is een ervaren specialist op beleggingsgebied, met als speciaal aandachtsgebied duurzaam beleggen. Sanders schreef diverse financiële blogs en columns en bracht in 2017 een boek uit: ‘Zal ík het anders doen? Waarom vrouwen beter zijn met geld’.

Vrijblijvend van gedachten wisselen met een specialist?

ABN AMRO MeesPierson | Financial Focus
Logo of ABN AMRO MeesPierson | Financial Focus