De erfbelasting roept vaak sterke emoties op. De één ziet het als een belasting op geld waar al belasting over is betaald. Voor de ander is het juist een logische heffing op vermogen dat zonder eigen inspanning wordt verkregen. Nu de omvang van nalatenschappen in Nederland groeit, staat de erfbelasting volop in de belangstelling. Wat zijn de belangrijkste argumenten van voor- en tegenstanders eigenlijk? En gaat de discussie eigenlijk wel over de erfbelasting?
Waarom de discussie juist nu speelt
Nederland staat aan de vooravond van de grootste vermogensoverdracht ooit. Door de vergrijzing, stijgende huizenprijzen en hogere vermogens van oudere generaties wordt jaarlijks steeds meer vermogen overgedragen aan een volgende generatie. Het gaat momenteel om circa € 30 miljard per jaar en dat bedrag zal de komende jaren toenemen.
Daardoor neemt het belang van de vraag toe: moet de overheid deze vermogensoverdracht zwaarder belasten dan nu het geval is?
Het belangrijkste argument vóór een hogere erfbelasting: gelijke kansen
Voorstanders wijzen erop dat een erfenis anders is dan inkomen uit arbeid. Wie een grote erfenis ontvangt, krijgt een financieel voordeel zonder daar zelf voor te hebben gewerkt.
In deze visie kan een hogere erfbelasting bijdragen aan het beperken van vermogensongelijkheid en het bevorderen van kansengelijkheid. Zeker nu vermogen steeds belangrijker wordt voor bijvoorbeeld het kopen van een woning of het starten van een onderneming.
Tegenstanders plaatsen hier een belangrijke kanttekening bij. Een hogere erfbelasting vermindert direct het vermogen van degene die een erfenis ontvangt en daarmee ook diens financiële mogelijkheden. Dat verkleint de kansen van de ontvanger. De kansen van mensen die geen erfenis ontvangen, worden niet automatisch groter. Dat gebeurt pas als de belastingopbrengst daadwerkelijk wordt ingezet voor beleid dat kansen vergroot, bijvoorbeeld via onderwijs, zorg of andere publieke voorzieningen. De vraag is in hoeverre de overheid daarin slaagt.
Het belangrijkste argument tégen een hogere erfbelasting: dubbele belasting
Tegenstanders benadrukken dat het nagelaten vermogen vaak al meerdere keren is belast. Over inkomen is inkomstenbelasting (box 1) betaald, over vermogen ook (box 3) of vennootschapsbelasting en box 2-belasting (voor vermogen opgebouwd in bv’s).
Vanuit dat perspectief voelt erfbelasting als een extra belasting op hetzelfde vermogen. Voorstanders maken vaak onderscheid maken tussen de erflater en de ontvanger. Voor de ontvanger is erfbelasting geen dubbele belasting maar de eerste belasting. In families maakt men dat onderscheid vaak niet.
Economische argumenten: efficiënt of juist schadelijk?
Voorstanders stellen dat erfbelasting economisch relatief efficiënt is, omdat de ontvanger niet minder gaat werken om een erfenis te verdienen. Daardoor zou de belasting minder verstorend zijn dan bijvoorbeeld hogere loonbelasting.
Tegenstanders wijzen juist op mogelijke gedragsreacties, zoals belastingplanning, emigratie of constructies om vermogen fiscaal gunstiger over te dragen. De erfbelasting kent heel veel regelingen om dit te ondervangen, wat tot een erg ingewikkelde wet leidt.
Wat vindt Nederland?
De erfbelasting heeft de naam de meest gehate belasting te zijn. Het CPB haalt in een recent onderzoek een enquête aan waaruit blijkt dat slechts een kleine minderheid de erfbelasting volledig wil afschaffen. Tegelijkertijd vindt meer dan de helft van de respondenten dat grote erfenissen zwaarder belast mogen worden dan nu het geval is. Ook blijkt er brede steun voor progressieve tarieven. Nu waren de geënquêteerden niet per se bekend met de huidige erfbelasting. Het is dan ook de vraag wat de waarde is van deze uitkomst.
Uit een peiling van ongeveer 1.000 klanten van ABN AMRO MeesPierson blijkt dat 37% de erfbelasting wil afschaffen, 49% de erfbelasting zo wil houden en 14% meent dat er wel een schepje bij mag.
Het is lastig harde conclusies te trekken uit deze data. Het laat wel zien dat de maatschappelijke discussie genuanceerder ligt dan het cliché van de "meest gehate belasting".
Waar draait het debat uiteindelijk om?
De visie over de inrichting van de maatschappij is eigenlijk leidend bij de discussie over de erfbelasting. De fundamentele vraag is: hoeveel invloed mag afkomst hebben op de verdeling van vermogen en kansen?
Wie veel waarde hecht aan gelijke kansen, zal eerder pleiten voor een hogere belasting op grote erfenissen. Wie eigendomsrechten en familievermogen centraal stelt, zal eerder vinden dat vermogen zo veel mogelijk binnen de familie moet kunnen worden overgedragen.
Conclusie
Het debat over erfbelasting kent geen eenduidige conclusie. Voorstanders zien de belasting als een instrument tegen vermogensongelijkheid en voor gelijke kansen. Tegenstanders benadrukken het belang van eigendomsrechten en wijzen op het gevoel van dubbele belasting.
De discussie over de erfbelasting gaat dus eigenlijk niet over de erfbelasting, maar over rechtvaardigheid, kansen en de rol van vermogen in de samenleving.