Direct naar content
5 min. leestijd
  • Auteur

Jane Goodall vertrekt in de zomer van 1960 als 26-jarige uit Engeland. Haar doel: aan de oevers van Lake Tanganyika, in het huidige Tanzania, de op dat moment nog vrijwel onbekende chimpansees te bestuderen. Ze had niet veel meer bij zich dan een notitieblok en een verrekijker. Janes onderzoek zou later baanbrekend blijken. Maar daar lag een dosis geduld, doorzettingsvermogen en optimisme aan ten grondslag om het vertrouwen van de chimpansees te winnen. Ze kreeg uiteindelijk wel toegang tot de wereld van deze aandoenlijke, soms vreemde maar herkenbare wezens. En dat begon allemaal met EEN rode pinda en een chimpansee, genaamd David Greybeard.

Sleutelmoment

1960: Menselijk contact met chimpansee
Als 26-jarige vertrok Jane Goodall naar Tanzania om chimpansees te bestuderen. Na een moeizaam begin was er één chimpansee die haar toeliet in hun territorium. En dan, na maanden van volgen, ontstaat er non-verbale communicatie tussen mens en dier. ‘Ik pakte de pinda op en gaf het aan hem. Hij keek me recht in de ogen aan, pakte de pinda, gooide het op de grond en kneep toen heel zachtjes in mijn hand.’

1986: ‘Ik was op een conferentie die ik in 1986 hielp opzetten. We hadden een sessie over natuurbehoud en het was schokkend om te horen hoe het aantal chimpansees op al die plaatsen afnam en bossen werden vernietigd. Ik ging naar die conferentie als wetenschapper en vertrok als activist. Sindsdien ben ik niet meer dan drie weken achter elkaar op één plek geweest, om lezingen te geven.’

Wat is uw sleutelmoment?

‘Eerst liepen de chimpansees van me weg zodra ze me zagen. Na ongeveer vier maanden begon een van hen zijn angst te verliezen. Ik noemde hem David Greybeard vanwege zijn kenmerkende witte baard. Een paar maanden later tolereerde hij me toen ik hem door het bos volgde. Op die specifieke dag dacht ik even dat ik hem kwijt was, omdat hij door een dichtgegroeid gewas ging. Maar toen ik me er eindelijk doorheen had geworsteld, zat hij nog op me te wachten. Ik ging naast hem zitten. Bij mij lag een rijpe rode pinda op de grond. Ik pakte het op en stak het naar hem uit in de palm van mijn hand. Hij draaide zijn hoofd weg. Ik duwde mijn hand dichterbij. Hij draaide zich om, keek me recht in de ogen, nam de pinda maar liet hem direct uit zijn vingers vallen en kneep toen heel zachtjes in mijn hand. Dat is hoe chimpansees elkaar geruststellen – net als wij. We zijn daar een tijdje blijven zitten.’

Waarom is juist dit uw sleutelmoment?

‘Het vertegenwoordigt onze hechte evolutionaire relatie met chimpansees. We delen veel non-verbale communicatie. In dit geval begreep David dat het aanreiken van de pinda goedbedoeld was. Ik begreep dat hij dit besefte toen hij, nadat hij de pinda had laten vallen, me zachtjes geruststelde.’

Kunt u zich nog herinneren wat er door u heen ging?

‘Het is moeilijk te beschrijven. Het was een gevoel van euforie. Ik had het gevoel bij zijn wereld te horen, besefte dat ik zijn volledige vertrouwen had gewonnen en had de barrière van angst weggenomen. Ik denk dat het een moment was waarop ik mezelf ertoe verplichtte de chimpansees volledig te begrijpen en om hen te beschermen.’

Denkt u nog wel eens terug aan dit moment?

‘Ik denk er nog vaak aan, mede omdat ik dit verhaal graag vertel. Het helpt mensen te begrijpen hoe verbonden we kunnen zijn met de “natuurlijke” wereld. En ik kan nog steeds de zachte druk van zijn vingers voelen als ik mijn ogen sluit. Hij was zo’n speciale chimpansee. Zachtaardig en een echte leider.’

Heeft dit moment uw leven veranderd?

‘Niet echt, hoewel ik denk dat hier wel mijn vastberadenheid vandaan komt om door te gaan met de studie, die volgend jaar zijn 60-jarig bestaan ​​viert. Ik kwam voor het eerst naar Gombe op 14 juli 1960.’

U bent nu 85 jaar en reist nog steeds heel veel. Vindt u dat WEL leuk?

‘Nee, eigenlijk niet. Terwijl het reizen toeneemt. Ik lijk op luchthavens, in vliegtuigen en in hotels te wonen. Vliegreizen vind ik het ergst vanwege vertraagde of geannuleerde vluchten en verandering in tijdzone. Bovendien heb ik nooit tijd om iets te zien van de landen die ik bezoek, op wat glimpjes na. En natuurlijk laat dit een ecologische footprint achter. Maar iedereen vertelt me dat er een groot verschil is of ik wel of niet fysiek aanwezig ben bij een conferentie. Door live mijn verhaal te vertellen, zorg ik voor meer impact. Mensen geven aan dat ik hun leven heb veranderd. Een bijzonder gegeven en daarom stap ik toch elke keer weer dat vliegtuig in. Natuurlijk doe ik ook het nodige op afstand, via Skype of Zoom. Die nieuwe ontwikkelingen zijn een geschenk! Zolang ik energie heb, wil ik dit blijven doen. Totdat mijn lichaam zegt dat het genoeg is geweest.’

Waar bent u het meest trots op?

‘Toen ik na twee jaar met de chimpansees te hebben doorgebracht naar Cambridge University ging, vertelden veel professoren me dat ik mijn studie helemaal verkeerd had gedaan. Ze zeiden dat de chimpansees geen namen hadden moeten krijgen, maar nummers. Ik kon niet praten over dat ze persoonlijkheid hadden, dat ze in staat waren om problemen op te lossen en zeker niet dat ze emoties zoals geluk, verdriet en angst hadden. Gelukkig had ik als kind een geweldige leermeester, mijn hond Rusty. Als je je leven op een betekenisvolle manier deelt met dieren, weet je dat we niet de enige wezens zijn met persoonlijkheid, geest en emotie. Vanwege de film die uit Gombe kwam, de gedetailleerde beschrijvingen uit mijn veldnotities en de informatie uit andere studies in het wild, werd de wetenschap gedwongen om verder te gaan met die reductionistische manier van denken over de ethologen van de jaren ’60 en de jaren ’70. Er is geen verschil in soort tussen ons en andere dieren. Dus dankzij mijn werk met chimpansees én dankzij Rusty heeft de wetenschap geleidelijk aan geaccepteerd dat dieren bewust en wijs zijn.’

Jane Goodall Instituut

Het Jane Goodall Instituut, opgericht in 1977, is een wereldwijde non-profit organisatie die zich inzet voor de duurzame bescherming van chimpansees en hun leefgebieden in Afrika. Dit gebeurt in nauwe samenwerking met de lokale bewoners waarbij zij een duurzame omgeving voor zichzelf opbouwen, zich actief inzetten voor herbebossing en werken aan de beëindiging van illegale, commerciële handel in bushmeat. Met het Roots & Shoots- programma stimuleert het Jane Goodall Instituut jongeren in ca. 130 landen om een verschil te maken en een positieve bijdrage te leveren aan hun leefomgeving.

Meer info: janegoodall.nl

Heeft u een vraag over dit artikel?

De specialisten van ABN AMRO MeesPierson komen graag met u in contact.

Meer over dit onderwerp