Direct naar content

Beschikt u als directeur-grootaandeelhouder (DGA) over structureel overtollige middelen in uw BV? Dan hebt u extra mogelijkheden om uw eigen woning te financieren. Behalve bij de bank een hypotheek afsluiten, kunt u ook bij uw eigen BV lenen. Beschikt u over privémiddelen (box 3) waar u niet of nauwelijks rendement op maakt? Dan kan inzetten van privémiddelen interessant zijn.

We vergelijken 3 mogelijkheden voor u:

  1. Hypotheek bij de bank (box 1)
  2. Lenen bij uw eigen BV (box 1)
  3. Gebruik van privémiddelen (box 3)

Welke manier van financieren voor u als DGA het aantrekkelijkst is, hangt af van verschillende factoren. De hoogte van de rente waartegen u kunt lenen van de bank of bij uw BV is vanzelfsprekend van invloed. Maar vooral het rendement op uw eigen vermogen is van doorslaggevend belang.

Hypotheek bij de bank

Leent u bij de bank? Dan hoeft u geen rendement op uw eigen vermogen te missen. Maar u betaalt wel rente aan de bank. Rentekosten op een eigenwoninglening mag u onder voorwaarden in mindering brengen op uw inkomen in box 1. U bespaart daarmee in 2020 maximaal 46% inkomstenbelasting over de rente die u aftrekt. Maar als eigenwoningbezitter moet u ook rekening houden met de inkomensbijtelling van het eigenwoningforfait. Bij een WOZ-waarde van uw woning beneden € 1.090.000 is de bijtelling 0,60% van de WOZ-waarde. Alleen voor zover de aftrekbare rente meer is dan de bijtelling, kan in box 1 een fiscaal voordeel opreden.

Lenen bij uw eigen BV

Leent u bij uw eigen BV voor uw eigen woning? Dan komt de rente die u aan de BV betaalt in plaats van het rendement dat de BV anders zou maken op dat vermogen. De BV betaalt hierover 16,5% vennootschapsbelasting in 2020 (winst tot € 200.000). Wat overblijft kan de BV als dividend aan u uitkeren. In 2020 betaalt u dan 26,25% box 2-belasting. De totale belastingdruk op de rente komt zo op circa 38,4%. Het hangt af van het rendement dat de BV anders zou maken of de BV hierdoor een hogere of lagere opbrengst behaalt. Anders dan veel mensen denken, is lenen bij uw BV voor uw eigen woning tegen een zo laag mogelijke rente niet per se voordelig. Als het fiscale voordeel van de aftrek in box 1 (2020: maximaal 46%) hoger is dan de belasting op de rente die de BV ontvangt (circa 38,4%) is een hoge rente voordeliger dan een lage.

Gebruik van privévermogen

Wanneer u privévermogen (box 3) gebruikt om uw eigen woning te financieren, hoeft u geen rente te betalen. Maar u mist wel het netto rendement na aftrek van vermogensrendementsheffing – in dit voorbeeld 1,26% – op dit vermogen. Als het te missen rendement lager is dan de heffing in box 3, kunnen de netto kosten zelfs negatief uitvallen. Hoe hoger het rendement op uw vermogen, hoe meer het u netto ‘kost’ om het vermogen in uw eigen woning te investeren. Financiert u de eigen woning geheel met eigen geld? Dan trekt u geen rente af in box 1, maar krijgt u toch een aftrekpost tegenover de bijtelling van het eigenwoningforfait. Dit staat bekend als de Hillen-aftrek. Sinds 2019 wordt die aftrek in 30 jaar tijd afgebouwd. In 2020 bespaart u door de Hillen-aftrek maximaal 49,5% inkomstenbelasting over 93,33% van het eigenwoningforfait.

Rekenvoorbeeld

Te financieren 500.000 Berekeningsjaar 2020
WOZ-waarde 500.000 Tariefschijf box 1 49,50%
Eigenwoningforfait 3.000 Aftrek effectief 46,00%
Rente lening bank 1,50% Eff. heffing box 3 1,26%
Rente lening BV 1,50% VPB 16,50%
  • In de grafiek vergelijken we de netto kosten (bij gebruik van eigen middelen: het netto rendement na belasting) van de verschillende mogelijkheden. Daarbij is rekening gehouden met de invloed van het eigenwoningforfait. Er is gerekend met fiscale cijfers voor 2020.
  • Uitgaande van een hypotheekrente van 1,5% is een lening in box 1 bij de BV voordeliger dan een lening bij de bank, als het rendement lager is dan 1,5%. Is het rendement hoger dan 1,5%? Dan is een lening bij de bank voordeliger.
  • Maar bij de gehanteerde uitgangspunten in dit voorbeeld is het nóg voordeliger om privémiddelen (box 3) in te zetten als het rendement beneden ongeveer 2,35% blijft.
  • Bij een rendement boven ongeveer 2,35% zijn de netto kosten van lenen bij de bank in dit voorbeeld het laagst. Lenen bij de eigen BV is dan minder gunstig, omdat de BV meer rendement kan maken dan met uitlenen aan privé.

Heeft u een vraag over dit artikel?

De specialisten van ABN AMRO MeesPierson komen graag met u in contact.