Direct naar content

Zo bouwt u als DGA vermogen op

Gepubliceerd op:
4 min. leestijd

Het kan verleidelijk zijn om al uw beschikbare financiële middelen in uw onderneming te blijven investeren. Maar wat gebeurt er als de resultaten tegenvallen? Of als uw onderneming bij verkoop minder opbrengt dan u verwacht?

Door uw vermogen evenwichtig over uw bv en privé te verdelen, beperkt u uw persoonlijke financiële risico’s. Tegelijkertijd bouwt u vermogen op om later uw vertrouwde levensstijl te kunnen voortzetten.

Uw financiële doelen bepalen

Bij ondernemers zijn zakelijke en privébelangen vaak nauw met elkaar verweven. Elke levensfase vraagt daarom om een nieuwe afweging. De uitdaging is om uw zakelijke en privéfinanciën zo goed mogelijk op elkaar af te stemmen.

Stel daarom eerst uw financiële doelen zorgvuldig vast en maak vervolgens een plan om die te bereiken. Wilt u sparen, beleggen of kiest u voor een combinatie van beide?

Vermogen opbouwen door te sparen

Sparen biedt duidelijkheid: u weet waar u aan toe bent en uw inleg blijft behouden. Toch verliest spaargeld momenteel ieder jaar aan koopkracht. Dat heeft twee oorzaken:

1. Inflatie

Als producten duurder worden, kunt u met hetzelfde bedrag minder kopen. Uw geld verliest daardoor feitelijk aan waarde. De consumentenprijsindex (CPI), een veelgebruikte maatstaf voor de inflatie in Nederland, bedraagt momenteel circa 3,1% (cijfers juli 2026).

2. Belastingheffing

Belasting heeft invloed op de opbouw van uw vermogen. Daarbij maakt het verschil of u vermogen opbouwt in uw bv of in privé. Over de winst in uw bv betaalt u 19% vennootschapsbelasting tot en met € 200.000. Over het deel van de winst boven dit bedrag betaalt u 25,8%.

Keert u winst uit uw bv als dividend uit naar privé? Dan betaalt u ook belasting over uw inkomen uit aanmerkelijk belang. De totale belastingdruk komt daardoor uit op ongeveer 39% tot 49%.

Ook over uw privévermogen moet u belasting betalen. Dat geldt als uw vermogen in box 3 hoger is dan het heffingsvrije vermogen van € 59.357 per persoon. Voor fiscale partners is dit bedrag twee keer zo hoog. De Belastingdienst rekent met een verondersteld rendement: het forfaitaire rendement. Over dit rendement betaalt u 36% inkomstenbelasting. Het percentage hangt af van het soort vermogen dat u bezit.

De forfaitaire rendementspercentages voor 2026 zijn:

  • Bank- en spaartegoeden en contant geld: 1,28%
  • Beleggingen en andere bezittingen: 6,00%
  • Schulden: 2,70% negatief rendement

Het percentage voor beleggingen en andere bezittingen staat al vast. De percentages voor bank- en spaartegoeden en schulden zijn nog voorlopig. Deze worden begin 2027 definitief vastgesteld. Is uw werkelijke rendement lager dan het forfaitaire rendement? Dan kunt u dit aantonen en doorgeven aan de Belastingdienst. U betaalt vervolgens belasting over het lagere werkelijke rendement.

De spaarrente ligt bij veel aanbieders nog onder het huidige inflatieniveau. Daardoor wordt de koopkrachtvermindering vaak niet volledig gecompenseerd. Alleen sparen is daarom vaak onvoldoende om uw doelen te bereiken.

Beleggen als alternatief

Met beleggen kunt u mogelijk een hoger rendement behalen dan met sparen. Daar staat tegenover dat de waarde van beleggingen kan fluctueren. Spreid uw beleggingen daarom over verschillende beleggingscategorieën, regio’s en sectoren. Beleg alleen met geld dat u langere tijd kunt missen en kies een beleggingsprofiel dat bij u past.

Beleggen kan u helpen om op langere termijn vermogen op te bouwen en uw financiële doelen te bereiken. Zoals hierboven beschreven, is het forfaitaire rendement voor beleggingen in box 3 hoger dan dat voor spaargeld. Belegt u via uw bv, dan is de fiscale behandeling van sparen en beleggen in beginsel gelijk.

Vermogensopbouw optimaliseren

Bij het optimaliseren van uw vermogensopbouw is het belangrijk om kritisch te kijken naar de verdeling van uw vermogen over uw bv en privé. Ontwikkelt uw onderneming zich succesvol, dan is een aanzienlijk deel van het vermogen mogelijk niet langer nodig voor de bedrijfsvoering. U kunt dan wellicht het nettorendement op uw vermogen verbeteren. In hoofdlijnen hebt u vier mogelijkheden, elk met eigen fiscale spelregels:

  • U belegt het vrij belegbare vermogen in uw (holding)bv.
  • U keert het vrij belegbare vermogen in uw bv als dividend uit naar privé en belegt het vervolgens privé.
  • Uw bv leent het vrij belegbare vermogen aan u uit, waarna u het privé belegt. Houd daarbij rekening met de Wet excessief lenen bij de eigen vennootschap en zorg voor zakelijke voorwaarden.
  • U brengt uw privévermogen over naar uw bv.

Welke keuze het beste bij u past, hangt vooral af van het rendement dat u verwacht te behalen op het belegbare vermogen in uw bv en privé. Ook de omvang van uw vermogen en de gewenste mate van openbaarheid spelen een rol. Bespreek met uw private banker welke vorm van vermogensopbouw het beste aansluit bij uw wensen en toekomstplannen.

Meer informatie vindt u in de artikelen over vermogensplanning en belastingheffing in de bv en privé.

Heeft u een vraag over dit artikel?

De specialisten van ABN AMRO MeesPierson komen graag met u in contact.

Over private banking

Vermogen biedt kansen en verplichtingen. Het is daarom prettig als er iemand met u meedenkt en samen met u de mogelijkheden verkent. Met persoonlijke aandacht bent u verzekerd van waardevol advies en dienstverlening op maat.
Over private banking