Direct naar content
  • Auteur

Bijdragen aan een duurzame wereld. De meeste mensen willen dat best wel, maar de vraag is vaak: hoe dan? Wat ‘moeten’ ze doen? Op welke manier kunnen ze bijdragen? Er zijn gelukkig vele manieren waarop u kunt bijdragen. De bank kan daarbij helpen en heeft zelf ook ambitieuze doelen gesteld om bij te dragen aan een duurzame wereld.

Definitie

‘We moeten niet op zoek naar een te nauwe definitie van “duurzaamheid”, stelt Richard Kooloos. ‘Duurzaamheid gaat over het leefbaar houden of maken van onze planeet en maatschappij. Het is niet alleen gericht op klimaatmaatregelen of CO2-uitstoot. In grote lijnen zou je kunnen zeggen: laat de planeet even goed of beter achter dan je hem aantrof. Op die manier hebben toekomstige generaties dezelfde mogelijkheden als jij en ik of de generaties voor ons. Daar zit zeker een element van rentmeesterschap in. Denk aan de oude ANWB-campagne: “Laat niet als dank voor het aangenaam verpozen, de eigenaar van het bos met de schillen en de dozen”. Dit is rentmeesterschap met ecologische aspecten, maar ook met sociaal-maatschappelijke effecten.’

‘Denk daarbij aan maatschappelijke thema’s als ongelijkheid. Binnen een beperkte bandbreedte van ongelijkheid is een samenleving robuuster, dus niet door de uitersten op te zoeken, maar door sociaal-economische verschillen tussen mensen niet te groot te laten worden. Wereldwijd is ook een thema als mensenrechten belangrijk in een duurzame maatschappij. Uitgangspunt is immers dat mensen gelijke kansen krijgen, dus moeten die ook eerlijk worden verdeeld. Daarin zit een link met mensenrechten.’

‘Sinds de industriële revolutie putten wij de aarde uit; wat in miljoenen jaren is opgebouwd, halen wij in decennia uit de grond. Voorraden van grondstoffen raken uitgeput. We hebben veel productie naar andere landen verplaatst, bijvoorbeeld in Afrika en Azië. Wat wij in de 19e en 20ste eeuw in onze Westerse samenleving produceerden, hebben we daarna “geoutsourced” naar ontwikkelingslanden. We zien de fabrieken nu niet meer, maar de negatieve impact is er nog steeds. De huidige duurzaamheidsbeweging zegt: die hele keten moet je in beeld brengen, want de rauwe kanten van het kapitalisme zijn niet wenselijk.’

Koop bewust en voorkom ecostress

Maar heeft het allemaal wel zin om iets te doen of te laten voor een betere wereld? Dagelijks worden we geconfronteerd met tv-programma’s, krantenkoppen en rapporten dat het uur U nadert – of dat we het zelfs al zijn gepasseerd. Vooral millennials en twintigers (generation Z) zijn zich zeer bewust van de menselijke impact op de wereld en de leefbaarheid van onze planeet. Een deel denkt dat het geen zin meer heeft om de schouders eronder te zetten, wordt zelfs depressief. De sfeer is niet onvergelijkbaar met de jaren tachtig: voordat de bom valt.

Kooloos: ‘Ja, als je ziet wat er de afgelopen veertig jaar is gebeurd, gaat het te langzaam. Dat is één manier om ernaar te kijken, maar er is bijvoorbeeld ook iemand als Bill Gates, een techno-optimist. Die zegt: “We innoveren ons uit de ellende.” De urgentie wordt nu veel breder gevoeld.’

‘Er is veel te doen door mensen in hun alledaagse gedrag. Ik volg daarin Babette Porcelijn, die stelt dat we als Westerse consumenten veel meer impact hebben dan we denken. Zij zegt: “Don’t sweat the small stuff”. Staar je vooral niet blind op dingen doen of laten die nader bekeken nauwelijks impact − of een tegengesteld effect − hebben. Neem het volgende: een bewuste consument rijdt een paar kilometer om naar een supermarkt die microplastic-vrije verpakkingen gebruikt, maar door dat omrijden komen er via de slijtage van autobanden veel meer microplasticdeeltjes in het milieu dan via die verpakkingen.’

Volgens Kooloos kunnen Westerse consumenten het meest bereiken voor een duurzamere wereld als ze kijken naar de spullen die ze kopen, van witgoed tot de boodschappen in de supermarkt. Spullen hebben verreweg de grootste impact, gemiddeld genomen meer dan mobiliteit en reizen. ‘Maar het zal niet helpen om mensen te zeggen dat ze iets wel of niet moeten kopen. Misschien dat sommige mensen zich erdoor aangesproken voelen, maar anderen willen niet op die manier bezig zijn met hun gedrag. Toch kun je die mensen op een andere manier bereiken, bijvoorbeeld door een product op een andere manier te marketen.’

Een interessant voorbeeld is Shell Pura. In 2000 zette Shell dat in de markt als een duurzame, groene brandstof. Dat is niet gelukt. Het idee was dat de brandstof zwavelvrij was en beter voor het milieu, mede omdat de katalysator in een auto beter zou werken door Shell Pura. De consument liep er niet warm voor en zag enkel een hogere prijs. Shell ging echter over tot een ‘rebrand’ en verkoopt hetzelfde product sinds 2004 als V-Power. ‘Dat sloeg wel aan en kan je nog steeds tanken. Door andere aspecten van hetzelfde product onder de aandacht te brengen, kan je alsnog succes hebben. Hoeveel Tesla’s zijn besteld om de planeet te redden en hoeveel om een fiscaal voordeel te behalen? Als je grote groepen mensen mee wilt krijgen, zal je niet steeds hetzelfde verhaal moeten vertellen. De een neemt zonnepanelen om de planeet te redden, de ander omdat de buurman ze ook heeft. Verschillende doelgroepen in de samenleving zijn vatbaar voor verschillende argumenten. Status, geld en comfort kunnen ook argumenten zijn om over te gaan tot verandering van gedrag dat wel degelijk duurzaam is.’

Doe het zelf: maak van rood vlees weer een luxeproduct

Nog niet zo bijzonder lang geleden was rood vlees, bijvoorbeeld biefstuk, een luxeproduct dat bij uitzondering en bij speciale gelegenheden werd gegeten. Dat is de laatste decennia veranderd. Er wordt meer rood vlees geconsumeerd. Klimaatbewust eten betekent ook de vleesconsumptie verminderen. Vlees is namelijk goed voor veertig procent van broeikasgassen die vrijkomen bij productie van het voedsel van de gemiddelde Nederlander. Vlees heeft zo’n grote klimaatimpact omdat voor de productie van 1 kilo vlees gemiddeld 5 kilo plantaardig voer nodig is. Minder vlees eten is dus goed voor het klimaat. Rood vlees heeft een grote impact op het klimaat, kip bijvoorbeeld minder. Van alle vleessoorten heeft kip de laagste klimaatbelasting.

Doe-het-zelven

Consumenten kunnen veel doen om de wereld van vandaag door te geven aan de mensen van morgen. Het verduurzamen van de woning is in principe de woning toekomstbestendig maken, zowel door te investeren in comfort en een lagere energierekening als in de waarde van de woning. De eisen aan woningen en de bebouwde omgeving als geheel worden steeds verder opgeschroefd. Het ligt in de lijn der verwachting dat de overheid steeds strengere duurzaamheidsregels gaat opleggen en die ook strikter gaat handhaven. Denk daarbij aan het energielabel van vastgoed. Kooloos: ‘Je ziet het al in de markt voor kantoorpanden; vastgoed zonder C-label of beter mag binnenkort al niet meer worden verhuurd. Dergelijke ontwikkelingen maken het economisch slim om je huis toekomstbestendig te maken. En dan hebben we het dus nog niet gehad over het verbeterde comfort van een goed geïsoleerde woning of de lagere energielasten. Het is een slimme investering, zeker nu de rente op spaarrekeningen negatief is.’

Dergelijke investeringen zijn natuurlijk niet alleen interessant voor de hoofdwoning, maar ook voor de tweede woning. En wat te denken van de tuin? Dat is de plek waar mensen de meeste effecten van klimaatverandering zien, bijvoorbeeld door extreme droogte. Daarom is het raadzaam een tuin niet te veel te besproeien. Een klimaatrobuuste tuin is bestand tegen periodes van droogte. Dat is een verstandige keus, want er komen vaker en langer sproeiverboden aan, zeker in de hoger gelegen gebieden in het oosten en zuiden van Nederland.

Kooloos: ‘In de tuin zie je ook een aardig voorbeeld van ecostress; mensen die zich bewust zijn van de impact van klimaatverandering willen misschien wel een zwembad opzetten voor de kinderen of voor zichzelf. Toch twijfelen ze of dat wel verantwoord is. Uiteraard, als iedereen dat tegelijkertijd gaat doen, leidt dat tot piekbelasting en misschien zelfs het wegvallen van de waterdruk. Maar de impact van een zwembad vullen valt reuze mee vergeleken met het bewateren van de tuin. De tuin sproeien gebeurt soms wel twee keer per dag, dat vergt gedurende het droogteseizoen significant meer water dan een zwembad. Wat de tuin betreft geldt: een beetje verdorsten is niet erg, gras en planten worden robuuster van dorst en ze passen hun wortels erop aan.’

 

Reizen en forenzen

Frankrijk kondigde het onlangs al aan: reizen die in tweeëneenhalf uur per trein kunnen worden afgelegd, kunnen niet meer per vliegtuig worden ondernomen. Het gaat om binnenlandse vluchten. In de Tweede Kamer is hiertoe ook een motie ingediend, maar die voerde de minister niet uit. Kooloos: ‘Het is lastig om dergelijke reizen tussen verschillende landen te verbieden vanwege de Europese vrije markt.

Toch is er een algemene tendens dat korte vluchten steeds verder worden teruggedrongen. Dus niet meer met het vliegtuig naar Parijs, Frankfurt of Londen, maar met de trein. En wie verder van huis moet, bijvoorbeeld voor werk, kan er beter voor kiezen om een week naar de Verenigde Staten te gaan en wat vakantiedagen op te nemen, in plaats twee dagen vergaderen en dan weer terugvliegen.

Dichter bij huis is het zaak de auto zoveel mogelijk te laten staan. Fietsen en wandelen zijn niet alleen beter voor de planeet, maar ook beter voor de gezondheid. Daarnaast heeft Nederland een dichtvertakt spoorwegnetwerk en is het openbaar vervoer in algemene zin van hoge kwaliteit.’

 

Beter beleggen

ABN AMRO behoort tot de top tien procent van meest duurzame banken ter wereld, volgens het onlangs gepresenteerde Sustainability Yearbook van S&P Global en RobecoSam. De bank is wederom opgenomen in de Dow Jones Sustainability Index. Deze index is een zeer belangrijke graadmeter voor duurzaamheidsprestaties.

Bij duurzaam beleggen speelt de impact van de belegging op de bredere maatschappij een belangrijke rol. Er is een verschil met louter groen beleggen. Naast klimaat en een schoner milieu stimuleert de duurzame belegger bijvoorbeeld ook respect voor dier en mens, gezondheidszorg en kwalitatief onderwijs. Er zijn meer banken die groen of duurzaam beleggen aanbieden. Door de omvang van ABN AMRO en het volume van het belegd vermogen van onze klanten kan de bank in naam van haar klanten bijdragen aan een betere wereld door een transitie naar duurzame investeringskeuzes in gang te zetten en te versterken.

Raes: ‘We willen niet alleen kijken naar klanten, investeerders en medewerkers, maar naar een breder spectrum aan belanghebbenden in de maatschappij. De wetgevende kaders in Nederland en Noordwest-Europa veranderen de manier waarop kapitaal kan bijdragen aan onze maatschappij. Vanuit de Europese Unie zijn er ambities om meer geld te sturen naar duurzame sectoren en minder geld naar vervuilende sectoren: the New Green Deal. Dat is een wetgevend kader waarin ook wij als bank opereren in opdracht van onze klanten. De bank heeft ervoor gekozen om de maatschappelijke doelstellingen achter de wetgeving te helpen bevorderen. We willen bijdragen en waar mogelijk de transitie versnellen in plaats van pas op de plaats te houden. De financiële sector kan meesturen waar kapitaal heen vloeit in onze maatschappij. Natuurlijk hebben sommige mensen, ook uit de financiële sector zelf, een sceptische houding ten aanzien van duurzaam beleggen als middel om geld te sturen richting maatschappelijke doelen. Een positief-kritische houding is wenselijk op dit vlak. De meeste beleggers willen vooral zien dat hun duurzame investeringskeuzes renderen. Gelukkig kan dat ook. Windturbines, zonnepanelen, de ontwikkeling van infrastructuur voor groene of blauwe waterstof, gezond voedsel, energiezuinige gebouwen, schone voertuigen, eerlijk gemaakte kleding en schoenen, noem het maar op, daar is gewoon geld mee te verdienen. De spelregels van investeren zijn ook aan het veranderen: tegenwoordig kan je geld verliezen door te investeren in de fossiele industrie, vooral als dit geloof in de oudere industriële sectoren je als investeerder belemmert om de kansen op rendement in de duurzame en meer innovatieve takken te zien. De Wereldbank stelt dan ook niet voor niets dat het investeren van een dollar in klimaatbestendigheid gemiddeld het vierdubbele oplevert aan maatschappelijk rendement. Een aanzienlijk deel van dat rendement gaat naar de investeerder.’

Naast financiële ook maatschappelijke winst

De strategie van de bank voor duurzaam beleggen werkt voor de klant. De bank is hier, samen met haar kennispartners en leveranciers van data en beleggingsfondsen, al jaren mee bezig. Raes: ‘Duurzaam beleggen leidt tot goede resultaten op basis van een gezonde koerswinst van de bedrijven, die naast financiële ook maatschappelijke winst nastreven. Ook jonge mensen spreken we hiermee aan en dat betaalt zich uit in nieuwe klanten. We sluiten in het duurzame beleggingsmandaat controversiële activiteiten uit en de performance was de afgelopen jaren zeer aantrekkelijk. De ambitie van ABN AMRO is om in 2024 een bedrag van 42 miljard euro duurzaam te beleggen voor onze klanten. Fossielvrij is maar één aspect hiervan, we kijken ook naar de impact op het behalen van de Sustainable Development Goals (SDGs) van de Verenigde Naties tegen 2030. De groei van dat duurzaam geïnvesteerde kapitaal heeft toch bredere impact.’

Voor de kinderen

Duurzaamheid moet je doen en kún je dus ook doen. Zowel via grote als kleine investeringen. Via je eigen huis, tuin, voeding en vervoer waar je de impact meteen ziet, maar ook door middel van het verbeteren van de duurzaamheid in heel andere delen van de wereld, of zelfs in de toekomst. Want we willen niet alleen de financiële toekomst voor onze kinderen goed regelen, we willen ze ook een schone, leefbare planeet nalaten. En die twee doelen zijn − met het juiste advies − makkelijker te combineren dan u denkt!

Wat doet de bank zelf tegen klimaatverandering?

In 2015 werd het Parijsakkoord gepresenteerd op de klimaatconferentie van Parijs. Hiermee spraken zo’n 195 landen af om de opwarming van de aarde te beteugelen door binnen de 2 graden te blijven tegen het eind van deze eeuw. Het Parijsakkoord is door Nederland als land ondertekend en vervolgens vertaald in het Nederlandse Klimaatakkoord van 2019. Ook ABN AMRO heeft zich als bank daartoe gecommitteerd. Een van de bedrijfsdoelen is om de CO2-intensiteit, verbonden aan de eigen bedrijfsvoering en financiële portfolio’s, te verminderen. De eigen operatie van ABN AMRO is al CO2 neutraal. Hoofddoel is de transitie naar een koolstofarme economie. Dat klinkt ingewikkeld, maar het komt er op neer dat de bank in alle adviezen en diensten ernaar streeft altijd de dialoog over de meest duurzame opties aan te gaan met de klant. Zo worden bankmedewerkers opgeleid om die duurzame adviezen ook te kunnen geven; of het nu gaat om verduurzamen van woningen en vastgoedpanden, of duurzaam beleggen. Maar ook wanneer het gaat om inkoop, mobiliteit en zakelijke reizen.

Dus gaat de bank het gesprek aan over duurzaam wonen en verbouwen, over het financieren van energiebesparende aanpassingen: isolatie, ledverlichting, zonnepanelen, warmtepomp en driedubbelglas. Als het gaat om advies over duurzaam en impact beleggen, dan adviseert de bank beleggingen die het beste scoren op gebied van klimaat, milieu, sociale aspecten en goed bestuur.

Heeft u een vraag over dit artikel?

De specialisten van ABN AMRO MeesPierson komen graag met u in contact.