Direct naar content

Op de derde dinsdag van september – 21 september a.s. – is het Prinsjesdag, ook als de kabinetsformatie dan nog niet is afgerond. Dan weten we meer over de fiscale plannen van de regering voor het jaar 2022.

Sommige cijfers heeft ons parlement al eerder vastgesteld, maar daarin kan altijd nog wat veranderen. Hoe zien de belangrijkste fiscale regels en cijfers voor ondernemers er in 2022 uit? Hieronder staan enkele veranderingen die in principe al vaststaan, verwachtingen en mogelijke verrassingen, in de categorieën ‘Staat al vast’, ‘Vrijwel zeker’, ‘Kansrijk’ en ‘Mogelijk’.

Onlangs heeft demissionair staatssecretaris Vijlbrief (D66) van Financiën een brief naar de Tweede Kamer gestuurd met een tabel met maatregelen die we in het Pakket Belastingplan 2022 kunnen verwachten. Daar staan niet veel onderwerpen in die voor veel ondernemers belangrijk zijn. In ieder geval twee aangekondigde maatregelen zijn wel interessant:

  • Verhoging vrije ruimte werkkostenregeling in verband met de steunpakketten vanwege COVID-19.
  • Introductie gerichte vrijstelling loonbelasting voor vergoeding voor thuiswerkkosten.

In het overzicht staat dat er nog wijzigingen kunnen optreden. De regering kan in het Pakket Belastingplan 2022 dan ook nog andere maatregelen opnemen. Of die via een nota van wijziging tijdens de parlementaire behandeling van dit pakket daaraan toevoegen.

Ondernemers zijn ook particulieren

Voor ondernemers kunnen veranderingen voor particulieren ook interessant zijn. Ondernemers zijn immers zelf ook particulieren. In mijn blog: ‘Update: Vooruitblik Prinsjesdag voor particulieren’ leest u onder andere over de belastingheffing over het vermogen in box 3, de schenkingsvrijstelling eigen woning en het tarief van de overdrachtsbelasting voor bedrijfsvastgoed. De tarieven in box 1 van de inkomstenbelasting in dat blog zijn interessant voor particulieren, maar bijvoorbeeld ook voor ondernemers met een eenmanszaak omdat zij in box 1 inkomstenbelasting moeten betalen over hun belastbare winst.

Staat al vast

Verlenging belastingschijf in vennootschapsbelasting

In 2021 betalen onder andere BV’s over hun belastbare winst tot € 245.000 15% vennootschapsbelasting. Voor zover de winst hoger is dan € 245.000, is het tarief 25%. De eerste belastingschijf was per 2021 al verlengd naar genoemd bedrag. In 2020 lag de grens namelijk nog bij € 200.000. Eind 2020 ging ons parlement ook akkoord met de verlenging van de eerste schijf van € 245.000 naar € 395.000 per 2022. Deze verandering staat dan ook al vast. Zie ook onderstaande tabellen met de tarieven voor 2021 en 2022.

Het opnieuw verlengen van de eerste schijf heeft tot gevolg dat in 2022 meer winst is belast tegen 15% en minder tegen 25% dan in 2021 bij dezelfde winst. Het belastingvoordeel daarvan is maximaal € 15.000 [= 10% x (€ 395.000 -/- € 245.000)]. Zie ook hierna onder ‘Verkorten belastingschijf en hoger toptarief in de vennootschapsbelasting’ in de categorie ‘Mogelijk’.

2021
Bij een belastbaar bedrag van meer dan maar niet meer dan Is het tarief van de vennootschapsbelasting
€ 0 € 245.000 15%
€ 245.000 - 25%

Tabel 1. Schijfgrens en tarieven vennootschapsbelasting in 2021.

2022
Bij een belastbaar bedrag van meer dan maar niet meer dan Is het tarief van de vennootschapsbelasting
€ 0 € 395.000 15%
€ 395.000 25%

Tabel 2. Schijfgrens en tarieven vennootschapsbelasting in 2022.

Minder belastingvoordeel bij veel aftrekposten

Voor onder andere ondernemers in de inkomstenbelasting is het van belang dat enkele aftrekposten in 2022 nog slechts verrekenbaar zijn tegen maximaal 40%. Dit verrekentarief van 40% gaat in 2023 verder omlaag naar circa 37%. Dit geldt niet alleen voor de aftrek van hypotheekrente, partneralimentatie, giften en zorgkosten, maar bijvoorbeeld ook voor de zelfstandigenaftrek. Hetzelfde geldt ook voor onder andere de MKB-winstvrijstelling en de terbeschikkingstellingsvrijstelling. Deze afbouw van het verrekenpercentage staat al vast.

Lagere zelfstandigenaftrek

Zoals hierboven opgemerkt, wordt het belastingvoordeel van onder andere de zelfstandigenaftrek verder beperkt. Tevens gaat het bedrag van deze aftrekpost zelf omlaag. In 2021 is de zelfstandigenaftrek nog € 6.670, in 2022 € 6.310. Dit bedrag gaat daarna stapsgewijs verder omlaag naar € 3.240 in 2036. Deze afbouw van de zelfstandigenaftrek staat ook al vast.

Vrijwel zeker

Uitstel indiening wetsvoorstel voor commanditaire vennootschap

Begin 2021 heeft het Ministerie van Financiën een conceptwetsvoorstel gepubliceerd dat belangrijk is voor veel ondernemers. Het gaat namelijk onder andere over een verandering in de fiscale behandeling van de open commanditaire vennootschap en het open fonds voor gemene rekening. In mijn blog ‘Uitstel beëindiging bekende routes voor privacy en belastingbesparing’ leest u daar meer over.

Naar verwachting zal de regering het definitieve wetsvoorstel met veranderingen voor de open commanditaire vennootschap hiervoor komende winter indienen bij de Tweede Kamer en niet al op Prinsjesdag. De beoogde veranderingen voor het open fonds voor gemene rekening zal de regering in een breder kader plaatsen. Lees daarover meer in het hierboven genoemde blog in deze serie voor particulieren.

Nieuw box 2-tarief voor ondernemers in een VBI of buitenlands beleggingslichaam

Voor aanmerkelijkbelanghouders die participeren in een VBI of een buitenlands beleggingslichaam wordt het forfaitaire rendementspercentage voor 2022 vrijwel zeker op Prinsjesdag bekendgemaakt. Dat is gekoppeld aan het forfaitaire beleggingsrendement voor de belastingheffing in box 3. Voor 2021 is dit percentage 5,69%.

Kansrijk

Excessief lenen bij eigen vennootschap belast in box 2

In juni 2020 heeft de regering het wetsvoorstel ‘Excessief lenen bij eigen vennootschap’ ingediend bij de Tweede Kamer. De regering wil daarmee excessief lenen van geld bij de eigen vennootschap ontmoedigen. Het gaat bijvoorbeeld om geldleningen bij de BV voor de aankoop van beleggingsvastgoed in privé. Voor zover de schuld aan de eigen vennootschap in totaal meer bedraagt dan € 500.000 zal het meerdere vanaf eind 2023 zijn belast in box 2 met 26,9% (cijfer: 2021) inkomstenbelasting. Een aanvullende drempel van € 500.000 geldt voor bepaalde directe familieleden van de aandeelhouder die geld lenen uit diens vennootschap.

Een belangrijke uitzondering op de nieuwe wetgeving zal gaan gelden voor de eigenwoningschuld in box 1 die is aangegaan bij de eigen vennootschap. Deze geldlening blijft in principe buiten de regeling. Let erop dat deze uitzondering niet zal gelden voor de woningfinanciering in box 3. Wel voor de eigenwoningschuld die na 30 jaar naar box 3 gaat omdat het recht op aftrek van (rente)kosten dan vervalt. In mijn blog: ‘Box 2-taks bij hoge schulden aan eigen vennootschap’ leest u er meer over.

Mogelijk

De onderwerpen in deze categorie komen uit de verkiezingsprogramma’s van enkele partijen die misschien wel deel gaan uitmaken van het nieuwe kabinet. Dan maken deze voorstellen mogelijk onderdeel uit van het nieuwe regeerakkoord en eventueel nog van het Pakket Belastingplan 2022.

Hoger tarief in box 2

Box 2 in de inkomstenbelasting is belangrijk voor met name aandeelhouders met een aanmerkelijk belang in een BV. In 2021 is het tarief in deze box 26,9%. Enkele politieke partijen willen in plaats van dit tarief meer tarieven die hoger en progressief zijn. Dat zijn tarieven die oplopen naarmate de winst uit aanmerkelijk belang toeneemt. D66 kiest voor tarieven van 28% tot 35%; SP: 27% en 36%, GroenLinks: 23,5% tot 42,9% en PvdA: 30% tot 45%. Andere partijen willen het huidige tarief van 26,9% handhaven (CDA en ChristenUnie) of verlagen (VVD).

Partijen zoals D66, SP en PvdA willen daarnaast een jaarlijkse voorheffing in box 2 invoeren van 4% over de boekwaarde van het vermogen in de vennootschap.

Lagere drempel bij excessief lenen bij eigen vennootschap

Hierboven kwam al de beoogde wetgeving ter sprake om excessief lenen bij de eigen vennootschap te ontmoedigen (zie in de categorie: ‘Kansrijk’). De kans is groot dat deze wetgeving per 2023 gaat gelden. Mogelijk zal genoemde drempel van € 500.000 in ons parlement nog voor wat discussie kunnen zorgen. Sommige partijen willen het lenen uit de eigen vennootschap namelijk nog krachtiger ontmoedigen. En daarom deze drempel van € 500.000 verlagen naar € 200.000 (zoals D66, drempel is exclusief de eigenwoningschuld) of zelfs € 17.500 (zoals SP, PvdA en GroenLinks, drempel is inclusief de eigenwoningschuld).

Verkorten belastingschijf én hoger toptarief in de vennootschapsbelasting

Hierboven kwam ook de verlenging per 2021 en per 2022 van de eerste belastingschijf in de vennootschapsbelasting ter sprake (zie in de categorie: ‘Staat al vast’). Opvallend is dat kort na deze verlenging diverse politieke partijen die verlenging alweer willen terugdraaien, waardoor de oude grens van € 200.000 weer zou moeten gelden. Dit staat in de verkiezingsprogramma’s van onder andere D66, CDA, SP, PvdA, GroenLinks en ChristenUnie. Stel dat de belastingschijf wordt verkort volgens genoemde plannen in de verkiezingsprogramma’s. Dan gaan bedrijven met een hogere belastbare winst dan € 200.000 over maximaal € 195.000 (minimaal) 10%-punten meer vennootschapsbelasting betalen in 2022 dan zonder aanpassing.

Daarnaast willen veel politieke partijen het tarief van 25% in de vennootschapsbelasting verhogen, zoals CDA (27%), D66 (27,5%), PvdA en GroenLinks (30%) en SP (36%).

Hoger tarief vennootschapsbelasting voor innovatie

Bedrijven die winst maken met bepaalde vernieuwende activiteiten kunnen onder bepaalde voorwaarden gebruikmaken van een lager tarief in de vennootschapsbelasting via de Innovatiebox. In 2021 is het tarief van de vennootschapsbelasting voor deze winsten 9%. Sommige politieke partijen willen dit gunstige innovatietarief verhogen naar 12% (D66) of 15% (PvdA en ChristenUnie), of dit tarief zelfs afschaffen (SP en GroenLinks).

Versobering of afschaffing bedrijfsopvolgingsregelingen

Er zijn diverse bedrijfsopvolgingsregelingen die onder bepaalde voorwaarden ervoor zorgen dat bij schenking of vererving van ondernemingsvermogen de bedrijfsopvolger en de vertrekkende ondernemer niet te veel belasting moeten betalen. Sommige fiscale regels bij bedrijfsopvolging staan onder (politieke) druk. Sommigen vragen zich af of deze regels wel echt nodig zijn. In mijn blog: ‘Zoveel redenen waarom de bedrijfsopvolgingsregelingen moeten blijven’ leest u er meer over.

Enkele partijen willen de bedrijfsopvolgingsregeling in de schenk- en erfbelasting (de BOR) afschaffen (SP, PvdA en GroenLinks) of versoberen (D66). En enkele partijen willen de bedrijfsopvolgingsregeling in de inkomstenbelasting (de doorschuifregeling) afschaffen (PvdA, GroenLinks en ChristenUnie).

Sparren, advies vragen en in actie komen?

Op dit moment is het natuurlijk nog helemaal niet zeker of we (veel van) bovenstaande voorstellen zullen terugzien in de wetsvoorstellen op Prinsjesdag. Wilt u met ons hierover sparren? Maak dan een afspraak. Hieronder leest u hoe en wanneer dat kan. Mogelijk komen er (ook) andere voorstellen. Wilt u nader advies of het in uw situatie verstandig is om u hierop voor te bereiden? Raadpleeg dan uw fiscalist.

Heeft u een vraag over dit artikel?

De specialisten van ABN AMRO MeesPierson komen graag met u in contact.