Direct naar content

Na de Tweede Kamer (in november) heeft ook de Eerste Kamer (in december) het pakket Belastingplan 2021 aangenomen. Dat betekent dat veel fiscale cijfers en regels wijzigen per 2021. Wat verandert er voor u? Hieronder staan thema’s met daarbinnen enkele veranderingen per 2021, gebaseerd op genoemd pakket en op het uitgebreidere overzicht van het Ministerie van Financiën.

Algemeen

Belastingdruk op arbeid omlaag

Het lage tarief in box 1 van de inkomstenbelasting daalt van 37,35% in 2020 naar 37,1% in 2021. Dit tarief daalt de komende jaren verder naar ongeveer 37%. Dit tarief geldt tot een belastbaar inkomen in box 1 van € 68.507 (zie onderstaande Tabel 1.). Voor degenen die de AOW-leeftijd hebben bereikt, is er nog een lager tarief zonder AOW-premie (zie onderstaande Tabel 2.); dat daalt van 19,45% naar 19,2% in 2021. Voor zover het belastbaar inkomen hoger is dan € 68.507, is het tarief 49,5% in 2021. De algemene heffingskorting gaat verder omhoog, maar wordt sneller afgebouwd. Ook de arbeidskorting en de ouderenkorting gaan omhoog.

Jonger dan AOW-
leeftijd
Bij een belastbaar inkomen uit werk en woning van méér dan maar niet meer dan is het gecombineerde
tarief (inkomsten-
belasting en premies volksverzekeringen)
€ – € 68.507 37,1%
€ 68.507 € – 49,5%

Tabel 1. Tarieven inkomstenbelasting en premies volksverzekeringen in box 1 in 2021 voor belastingbetalers jonger dan AOW-leeftijd.

Vanaf AOW-leeftijd
Bij een belastbaar inkomen uit werk en woning van méér dan maar niet meer dan is het gecombineerde
tarief (inkomsten-
belasting en premies
volksverzekeringen)
€ – € 35.129 / € 35.941 * 19,2%
€ 35.129 / € 35.941 * € 68.507 37,1%
€ 68.507 € – 49,5%

Tabel 2. Tarieven inkomstenbelasting en premies volksverzekeringen in box 1 in 2021 vanaf AOW-leeftijd.
* Voor belastingbetalers die zijn geboren vóór 1946 geldt in de eerste en tweede schijf het bedrag van € 35.941 in plaats van € 35.129.

Bijtelling nieuwe emissievrije auto van de zaak omhoog

Het belastingvoordeel voor nieuwe emissievrije auto’s van de zaak ten opzichte van benzineauto’s daalt de komende jaren verder. Per 2021 gaat de bijtelling voor nieuwe emissievrije auto’s van de zaak omhoog van 8% naar 12%. Het nieuwe percentage geldt tot een cataloguswaarde van € 40.000 (2020: € 45.000). Voor zover de catalogusprijs hoger is, geldt het reguliere tarief (22%). Het tarief van 12% geldt bij nieuwe waterstofauto’s voor de hele cataloguswaarde. Deze uitzondering geldt ook voor nieuwe zonnecelauto’s.

Sparen en beleggen

Belastingdruk box 3 omhoog

Het heffingvrije vermogen, de algemene vrijstelling in box 3, gaat, zoals verwacht, omhoog van € 30.846 naar € 50.000 per belastingbetaler. Per 2021 gelden ook nieuwe rendementspercentages voor de belastingheffing over het vermogen in box 3. De belastingdruk in box 3 gaat in 2021 omhoog, onder andere vanwege de stijging van het belastingtarief van 30% naar 31%. Ook het forfaitaire beleggingsrendement voor de belastingheffing in box 3 gaat omhoog, van 5,33% naar 5,69%. Het forfaitaire spaarrendement daalt van 0,07% naar 0,03%. Dat betekent dat de belastingdruk over 2021 stijgt; deze belastingdruk is over 2021 0,59% tot 1,76%, afhankelijk van de omvang van uw vermogen in box 3 (zie onderstaande Tabel 3.).

Van het gedeelte van uw vermogen dat meer is dan maar niet meer dan is het forfaitaire rendement is de
inkomsten-
belasting als
% van het
box 3-
vermogen
€ 0
(partners: € 0)
€ 50.000
(partners:
€ 100.000)
0% 0%
€ 50.000
(partners:
€ 100.000)
€ 100.000
(partners:
€ 200.000)
67% x 0,03% + 33% x 5,69% = 1,8978% 0,59%
€ 100.000
(partners:
€ 200.000)
€ 1.000.000
(partners:
€ 2.000.000)
21% x 0,03% + 79% x 5,69% = 4,5014% 1,40%
€ 1.000.000
(partners:
€ 2.000.000)
- 0% x 0,03% + 100% x 5,69% = 5,69% 1,76%

Tabel 3. Vermogensschijven en bijbehorende rendementspercentages in 2021. 

Deze veranderingen betekenen dat ongeveer 900.000 van de huidige circa 3 miljoen belastingbetalers in box 3 vanaf 2021 helemaal geen inkomstenbelasting meer betalen in deze box. De circa 1,7 miljoen belastingbetalers met een vermogen in box 3 tussen € 50.000 en circa € 220.000 (voor partners minder dan € 440.000) gaan minder inkomstenbelasting betalen. En voor de circa 400.000 mensen met een vermogen van meer dan € 220.000 (voor partners meer dan € 440.000) betekenen deze veranderingen een lastenverzwaring ten opzichte van ongewijzigd beleid.

Overdrachtsbelasting voor vastgoedbeleggers omhoog

Per 2021 gaat het tarief van de overdrachtsbelasting voor vastgoedbeleggers die één of meer bestaande woningen kopen, omhoog van 2% naar 8%. Voor een belegging in niet-woningen, zoals bedrijfspanden, gaat het tarief van 6% naar 8%. Het nieuwe tarief van 8% gaat bijvoorbeeld ook gelden voor de woning die u koopt voor uw studerende kind(eren). Vaak is de levering bij de notaris beslissend voor de toepassing van het tarief.

Wonen

Overdrachtsbelasting voor jonge huizenkopers omlaag

Iedereen die meerderjarig en jonger dan 35 jaar is, kan vanaf 2021 eenmalig een vrijstelling van overdrachtsbelasting (2020: 2%) krijgen voor zijn of haar hoofdverblijf. Vanaf 1 april 2021 mag de woning daarvoor niet duurder zijn dan € 400.000.

Overdrachtsbelasting voor tweede huis omhoog

Voor kopers van onder andere een bestaand tweede huis gaat de overdrachtsbelasting per 2021 omhoog van 2% naar 8%. Ook in deze en bovenstaande situatie geldt dat vaak de levering bij de notaris beslissend is voor de toepassing van het tarief.

Eigenwoningforfait omlaag

Het eigenwoningforfait daalt van 0,6% in 2020 naar 0,5% in 2021 bij een WOZ-waarde tussen € 75.000 en circa € 1.110.000. Voor het belastingjaar 2021 gaat het om de WOZ-waarde die is bepaald op de peildatum 1 januari 2020. Dit percentage daalt uiteindelijk naar 0,45% in 2023. Voor zover de WOZ-waarde hoger is dan circa € 1.110.000 blijft het eigenwoningforfait op 2,35% staan, vooralsnog tot en met 2023.

Belastingvoordeel hypotheekrenteaftrek omlaag

Veel aftrekposten zijn in 2021 in de inkomstenbelasting nog slechts verrekenbaar tegen maximaal 43%. Dit geldt onder andere voor de aftrekbare hypotheekrente. Dit verrekentarief van 43% gaat na 2021 verder omlaag naar 40% in 2022 en naar ongeveer 37% in 2023.

Ondernemen

Winstbelasting voor onder andere BV’s omlaag

Het lage tarief van de vennootschapsbelasting gaat omlaag van 16,5% in 2020 naar 15% per 2021. Dit nieuwe tarief geldt voor de eerste € 245.000 aan belastbare winst (zie onderstaande Tabel 4.). In 2022 gaat het tarief gelden voor de eerste € 395.000 aan belastbare winst. Het hoge tarief blijft 25% en geldt voor zover de winst hoger is dan genoemd bedragen. Maar het tarief voor de vennootschapsbelasting voor winsten in de innovatiebox voor bepaalde vernieuwende activiteiten gaat per 2021 verder omhoog van 7% naar 9%.

Belastbaar bedrag
Tot € 245.000 15%
Voor zover meer dan € 245.000 25%

Tabel 4. Tarieven vennootschapsbelasting in 2021.

Tarief box 2 inkomstenbelasting omhoog

Voor met name aandeelhouders met een aanmerkelijk belang in een BV is het belangrijk dat het tarief in box 2 verder omhoog gaat. Per 2021 stijgt dit tarief van 26,25% naar 26,9%.

Belastingvoordeel diverse aftrekposten omlaag

Veel aftrekposten in de inkomstenbelasting zijn in 2021 nog slechts verrekenbaar tegen maximaal 43%. Dit geldt onder andere voor veel ondernemersfaciliteiten; denk onder andere aan de zelfstandigenaftrek, de MKB-winstvrijstelling en de terbeschikkingstellingsvrijstelling. Dit verrekentarief van 43% gaat na 2021 verder omlaag naar 40% in 2022 en naar ongeveer 37% in 2023. Daarnaast gaat het bedrag van de zelfstandigenaftrek extra omlaag per 2021 en daalt de komende jaren stapsgewijs verder.

Overdrachtsbelasting voor bedrijfsvastgoed omhoog

Voor verkrijgers van niet-woningen, zoals bedrijfsvastgoed, gaat de overdrachtsbelasting per 2021 omhoog van 6% naar 8%. Ook hier geldt dat de levering bij de notaris vaak beslissend is voor de toepassing van het tarief.

Schenken en erven & Zorgen voor later

Belastingvoordeel diverse aftrekposten omlaag

Veel aftrekposten zijn in 2021 in de inkomstenbelasting nog slechts verrekenbaar tegen maximaal 43%. Dit geldt onder andere voor betaalde partneralimentatie, aftrekbare giften en uitgaven voor specifieke zorgkosten. Dit verrekentarief van 43% gaat na 2021 verder omlaag naar 40% in 2022 en naar ongeveer 37% in 2023.

Heeft u een vraag over dit artikel?

De specialisten van ABN AMRO MeesPierson komen graag met u in contact.